Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
- het proces-verbaal van de verificatievergadering in het faillissement van Mr. [verwerende partij] Beheer B.V. (hierna: gefailleerde) van 18 september 2025, waarin de betwiste vorderingen zijn verwezen naar de rol van 8 oktober 2025 van deze rechtbank voor renvooi;
- de conclusie van eis van Hillsafety met de producties 1 – 6;
- de conclusie van antwoord van [verwerende partij] met de producties 1 – 4;
- het tussenvonnis van 4 februari 2026 (gewezen onder het voormalige zaaknummer), waarin een mondelinge behandeling is bepaald;
- de door Hillsafety overgelegde producties 7 – 8;
- de door [verwerende partij] overgelegde producties A – K.
2.De bevoegdheid van de rechtbank
om voortgezet te worden als de verificatie betwist wordt. Alsdan wordt de betwister in plaats van gefailleerde partij (nog steeds art. 29 Fw Pro.). Daarnaast bepaalt art. 122 Fw Pro dat een op de verificatievergadering betwiste vordering
alleenvoor renvooi naar de rechtbank wordt verwezen als het geschil nog niet aanhangig is, wat zich hier niet voordoet.
3.De beslissing
dinsdag 7 juli 2026om 10:00 uur,