Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , V-nummer: [v-nummer] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, de minister,
Samenvatting
Procesverloop
[geboortedatum]. De minister heeft met het bestreden besluit van 3 oktober 2025 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld.
Beoordeling door de rechtbank
7.1. De rechtbank is van oordeel dat eiser niet concreet heeft kunnen maken op welke consistente verklaringen hij doelt. Uit het gehoor blijkt immers dat eiser niet alleen onjuist verklaart over de plaatsen in de directe omgeving, maar ook de genoemde afstanden komen niet overeen met openbare bronnen. De genoemde moskeeën en school worden eveneens niet gevonden. Eiser heeft geen afdoende verklaring gegeven voor deze discrepanties. Ook verklaart eiser over bergen, maar volgens de minister zijn die er niet in de directe omgeving. Eiser heeft dit niet met stukken bestreden. Tot slot komen de verklaringen met betrekking tot de begraafplaats en de locatie daarvan niet overeen met openbare bronnen, hetgeen evenmin door eiser is bestreden. Het resultaat van de taalanalyse, wat daar ook van zij, kan niet afdoen aan eisers tegenstrijdige verklaringen ten aanzien van zijn nationaliteit en herkomst. Deze beroepsgrond slaagt dan ook evenmin.
Verder voert eiser aan dat hoormedewerker hem had moeten confronteren met tegenstrijdigheden tijdens het nader gehoor over het niet zo spoedig mogelijk asiel aanvragen. Nu dit niet is gebeurd, is het bestreden besluit in strijd met artikel 3.113 van het Vreemdelingenbesluit 2000 (Vb).
9.1. De rechtbank overweegt het volgende. Dat er discussie bestaat over de vraag of eiser afkomstig is uit Algerije dan wel Marokko, is voor het terugkeerbesluit niet doorslaggevend. De minister heeft de terugkeerverplichting naar deze landen opgelegd op basis van de eigen verklaringen van eiser. Dat de minister de Algerijnse dan wel Marokkaanse nationaliteit uiteindelijk niet geloofwaardig acht, doet hier niet aan af. Het terugkeerbesluit is immers niet gebaseerd op de vastgestelde nationaliteit, maar op het land waarvan eiser zelf heeft verklaard vandaan te komen. Om die reden is dit geschilpunt niet relevant voor de beoordeling van het terugkeerbesluit.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr. D.G. van den Berg, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.