Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
mr. RIET STEVENSte Kapellen, België, in haar hoedanigheid van bewindvoerder naar Belgisch recht van
mr. JAN LODEWIJK MERTENSte Schoten, België, in zijn hoedanigheid van voogd ad hoc naar Belgisch recht van
1.[verweerder 1] te [woonplaats 3] ,
[verweerder 2]te [woonplaats 4] ,
[verweerder 3]te [woonplaats 5] ,
[verweerder 4]te [woonplaats 4] ,
STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR [belanghebbende 1]te [plaats] ,
[belanghebbende 2]te [woonplaats 2] , België,
1.De procedure
2.De feiten
- 200 A-certificaten van de Stak (ter zake van [bedrijfsnaam 1] ) in volle eigendom aan [belanghebbende 2] ;
- 200 C-certificaten van de Stak (ter zake van de helft van de vorderingen uit voornoemde leningen) in bloot eigendom aan [persoon 3] , waarbij is bepaald dat de echtgenote en de dochter ieder het vruchtgebruik verkregen van een helft van deze certificaten;
- 200 D-certificaten van de Stak (ter zake van de helft van de vorderingen uit voornoemde leningen) in bloot eigendom aan [persoon 4] , waarbij is bepaald dat de echtgenote en de dochter ieder het vruchtgebruik verkregen van een helft van deze certificaten.
en de dochter met de Stak vanaf 1 januari 2017 tot en met heden;
Naar het oordeel van de rechtbank hebben verzoekers voldoende concreet gemaakt waarom ze de indruk hebben dat hun belangen als vruchtgebruikers/certificaathouders niet in voldoende mate gediend worden door de Stak. Daartoe hebben verzoekers naar voren gebracht waarop hun stellingen berusten dat zowel zij als de door het Vredegerecht aangewezen bedrijfsrevisor vraagtekens hebben bij: ten eerste de economische noodzaak voor de door de Stak doorgevoerde renteverlaging, ten tweede de economische noodzaak voor de door de Stak ten onrechte en ten koste van de certificaathouders te veel uren schrijven en daarmee een te ruime bestuursbezoldiging ontvangen en ten derde dat er sprake is van een mogelijk tegenstrijdig belang door de dubbelrol van [verweerder 1] . Verzoekers hebben daarom naar het oordeel van de rechtbank een rechtmatig belang bij informatie die hen in staat stelt om na te gaan of de belangen van de certificaathouders B en C en de vruchtgebruikers daarvan voldoende worden behartigd binnen de Stak.”
Ik stel per 1 januari 2026 mijn lidmaatschap van de STAK PWB ter beschikking om de noodzakelijke wijziging(en) mogelijk te maken en neem per die datum dan ook ontslag als bestuurder van de STAK PWB.“
BESLUIT TOT AFTREDEN EN BENOEMING BESTUUR
De heer [verweerder 1] en de heer [verweerder 2] op het moment van ondertekenen van dit besluit (de enige) bestuurders zijn vanSTICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR PWB(…)
De heer [verweerder 1] en de heer [verweerder 2] voornemens zijn de heer mr. [verweerder 4] (…) te benoemden als zelfstandig statutair bestuurder van de STAK per 2 april 2026.
De STAK van de heer [verweerder 1] en de heer [verweerder 2] hun opzegging ontving als statutair bestuurders van de STAK per 3 april 2026 (…)
De heer mr. [verweerder 4] per 2 april 2026 zelfstandig bestuurder en tevens voorzitter zal zijn van de STAK en hierbij de verantwoordelijkheden van het voorzitterschap, volgens de statuten van de STAK, aanvaardt.
benoeming van de heer mr. [verweerder 4] als zelfstandig statutair bestuurder van de STAK, conform artikel 2:291 BW Pro en artikel 3 van Pro de statuten van de STAK, per 2 april 2026;
het aanvaarden van het aftreden van de heer [verweerder 1] en de heer [verweerder 2] als statutair bestuurders van de STAK per 3 april 2026 in de zin van artikel 3 lid Pro 6, eerste opsomming van de statuten van de STAK.”