ECLI:NL:RBDHA:2026:18723
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom wegens onderzoek persoonsgegevens door Autoriteit Persoonsgegevens
De zaak betreft een voorlopige voorziening tegen besluiten van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) waarin aan verzoeksters, exploitanten van een sociaal-mediaplatform, lasten onder dwangsom zijn opgelegd wegens vermeende overtredingen van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De AP voerde een onderzoek uit naar de verwerking van persoonsgegevens van gebruikers binnen de Europese Economische Ruimte, met name de licentiëring van gebruikersdata aan ontwikkelaars van Large Language Models. Verzoeksters weigerden volledige medewerking aan live-inzage in hun systemen, onder meer vanwege bezwaren over het verschoningsrecht van advocaten en mogelijke schending van buitenlandse privacywetgeving.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de bezwaargronden van verzoeksters, met name over de rechtsmacht van de AP en de evenredigheid van de bevoegdheidstoepassing, niet zonder meer kunnen worden uitgesloten. Ook acht de rechter het spoedeisend belang van verzoeksters voldoende aannemelijk en weegt het belang van verzoeksters zwaarder dan dat van de AP. Daarom worden de lasten onder dwangsom geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens worden de proceskosten aan verzoeksters toegekend.
Uitkomst: De voorzieningenrechter schorst de last onder dwangsom en veroordeelt de Autoriteit Persoonsgegevens tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.