ECLI:NL:RBDHA:2026:18741
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- N. Hengeveld
- F.X. Cozijn
- M.R. Aaron
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs opzettelijke brandstichting woning
Op 19 juli 2024 ontstond brand in de woning van de verdachte te Zoeterwoude. Verdachte verklaarde die dag overstuur te zijn geweest en een sigaret te hebben opgestoken terwijl zij haar bruidsjurk omgeslagen had. Forensisch onderzoek wees de bruidsjurk aan als brandhaard en sloot een technische oorzaak uit.
Hoewel de officier van justitie opzettelijke brandstichting vorderde, kon de rechtbank niet buiten redelijke twijfel vaststellen dat de verdachte de brand opzettelijk had veroorzaakt. De bevindingen van de forensische opsporing lieten ook een accidentele ontsteking van de bruidsjurk bij het aansteken van de sigaret toe. De verdachte was alleen in de woning en bevond zich in een verwarde toestand, maar dit leverde geen bewijs op voor opzet.
De rechtbank concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend te bewijzen en sprak de verdachte vrij. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 8 juli 2026.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van opzettelijke brandstichting.