ECLI:NL:RBDHA:2026:18803

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
8 juni 2026
Publicatiedatum
9 juli 2026
Zaaknummer
C/09/706459 / FA RK 26-5580
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:7 Wvggz
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Machtiging tot voortzetting van crisismaatregel bij manisch psychotische stoornis

De rechtbank Den Haag behandelde op 8 juni 2026 het verzoek van de officier van justitie tot voortzetting van een crisismaatregel op grond van artikel 7:7 Wvggz Pro ten aanzien van betrokkene, die zich bevindt in een manisch psychotische toestand met paranoïde en grootheidswanen. Betrokkene is vrijwillig opgenomen sinds 3 juni 2026 na verward gedrag bij ambassades.

De psychiater verklaarde dat betrokkene ernstig nadeel ondervindt door zijn psychotische toestand, waaronder geheugenproblemen, achterdocht en hinderlijk gedrag dat agressie oproept. Betrokkene is niet duurzaam vrijwillig en kan zijn masterstudie niet afronden. Er is gestart met medicatie waarvan verwacht wordt dat deze spoedig effect zal hebben.

De rechtbank oordeelt dat verlenging van de crisismaatregel noodzakelijk is om ernstig en onmiddellijk dreigend nadeel te voorkomen. De verplichte zorg omvat medicatietoediening, medische controles, bewegingsbeperkingen, beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, en opname in een accommodatie. Andere vormen van verplichte zorg zijn niet noodzakelijk.

Hoewel betrokkene aangeeft vrijwillig opgenomen te willen blijven, is hij ambivalent. De maatregel fungeert als vangnet om snel in te kunnen grijpen bij ontregeling. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven en de zorg is evenredig en effectief. De machtiging geldt tot en met 29 juni 2026.

Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel met verplichte zorg tot en met 29 juni 2026.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak-/rekestnr.: C/09/706459 / FA RK 26-5580
Datum beschikking: 8 juni 2026

Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel

Beschikkingnaar aanleiding van het op 5 juni 2026 door de officier van justitie ingediende verzoek tot voortzetting van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene] ,

hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 2000, geboorteplaats onbekend,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie Parnassia KCAP te Den Haag,
advocaat: mr. G.A. Nandoe Tewarie te Den Haag.

Procesverloop

Bij verzoekschrift heeft de officier van justitie verzocht om voortzetting van de op 4 juni 2026 genomen crisismaatregel.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente Den Haag tot het nemen van de crisismaatregel;
  • een op 4 juni 2026 ondertekende medische verklaring van [naam 1] , psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
- een afschrift van de politiemutaties;
- een brief van de officier van justitie van 5 juni 2026, waaruit blijkt dat betrokkene geen justitiële documentatie heeft.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 8 juni 2026. Daarbij zijn de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat en een tolk in de Engelse taal, via telefonische verbinding;
- de psychiater, [naam 2] .
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.

Standpunten ter zitting

De betrokkene heeft verklaard dat hij het manisch psychotische beeld herkent van hetgeen hij twee jaar geleden heeft gehad in Zwitserland, waar hij vandaag komt. Betrokkene heeft bij de ambassades echter alleen zijn vrijheid van meningsuiting geuit en om hulp gevraagd om zo de mensen daar te beschermen. Betrokkene wil op vrijwillige basis opgenomen blijven en behandeling ontvangen. De advocaat verzoekt daarom namens betrokkene om afwijzing van het verzoek.
De psychiater heeft verklaard dat er op dit moment een psychotisch beeld op de voorgrond speelt bij betrokkene. Betrokkene is achterdochtig, heeft het idee dat de Zwitserse overheid achter hem aanzit en dat zijn eten en drinken wordt vergiftigd. Hiernaast zitten er gaten in zijn geheugen. Er is contact gelegd met de moeder en zus van betrokkene en zij geven aan dit beeld te herkennen van een eerdere psychose bij de kinderen. Betrokkene ondervindt ernstig nadeel doordat hij zich blijft melden bij ambassades, doordat hij geen gepaste afstand houdt bij mensen omdat hij het gevoel heeft hen te moeten beschermen en omdat hij in zijn huidige staat niet de scriptie van zijn masterstudie kan afronden. Er is geen sprake van duurzame vrijwilligheid. Recent is gestart met medicatie en de verwachting is dat dit op korte termijn zal werken, maar dat wordt op dit moment nog niet gezien.
Alleen de vormen van verplichte zorg ‘toedienen van medicatie’, ‘verrichten van medische controles’, ‘beperken van de bewegingsvrijheid’, ‘aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten’ en ‘opnemen in een accommodatie’ zijn noodzakelijk en voorzienbaar en dienen te worden toegewezen.

Beoordeling

Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in:
- ernstige psychische schade;
- maatschappelijke teloorgang;
- de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.
Betrokkene is op 3 juni 2026 vrijwillig opgenomen nadat hij verwarde uitingen had gedaan bij verschillende ambassades. Bij betrokkene wordt een psychotisch beeld op de voorgrond gezien, waarbij zich paranoïde- en grootheidswanen voordoen en waarbij betrokkene denkt dat hij vergiftigd wordt en dat andere mensen achter hem aan zitten en hij anderen moet beschermen. Een onbehandeld manisch beeld met wanen kan op termijn (neuro)cognitieve schade toebrengen. Betrokkene is hiernaast een universitair master student en is met het huidige beeld niet in staat om op niveau te functioneren. Er is gestart met het toedienen van medicatie en de verwachting is dat dit op korte termijn het gewenste resultaat zal bieden. De rechtbank acht een verlenging van de crisismaatregel daarom noodzakelijk.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten een manisch (psychotisch) toestandsbeeld in het kader van een bipolaire stoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is van oordeel dat, anders dan de in de crisismaatregel genoemde zorg, de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden, te weten:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie.
Gelet op de toelichting van de arts ter zitting ziet de rechtbank geen aanleiding voor het opnemen van de overige vormen van verplichte zorg. Niet gebleken is dat het toepassen van deze vormen in de komende periode noodzakelijk en voorzienbaar zijn. Het verzoek zal daarom in zoverre worden afgewezen.
Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Hoewel betrokkene ter zitting heeft verklaard dat hij bereid is vrijwillig opgenomen te blijven en behandeling te ontvangen, is hij hierin eerder ambivalent gebleken. De voortzetting van de crisismaatregel is nodig als vangnet zodat snel ingegrepen kan worden als betrokkene ontregeld is en verzet toont, zodat de zorg gecontinueerd kan worden en ernstig nadeel kan worden afgewend.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden.

Beslissing

De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum] 2000, geboorteplaats onbekend,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 29 juni 2026;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. M.M.C. Limbeek, rechter, bijgestaan door M. van Leeuwen als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 08 juni 2026.
De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 19 juni 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.