ECLI:NL:RBDHA:2026:18857

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 juli 2026
Publicatiedatum
9 juli 2026
Zaaknummer
12026313
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:96 BWArt. 6:119 BWArt. 7:21 BWArt. 7:22 BW
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Betaling koopprijs en werkzaamheden grasmaaimachine na geschil over non-conformiteit

Partij B kocht in 2022 een grasmaaimachine van partij A, die meerdere malen werd gerepareerd vanwege technische problemen. Na een gesprek in december 2024 werd afgesproken dat de machine in orde was. In 2025 raakte de machine onherstelbaar beschadigd en kreeg partij B een nieuwe machine (Nera) mee om te testen.

Partij A vordert betaling van facturen voor de nieuwe machine en uitgevoerde werkzaamheden, terwijl partij B betwist dat er een koopovereenkomst voor de Nera is gesloten en stelt dat de oorspronkelijke machine non-conform was, waardoor hij ontbinding en terugbetaling vordert.

De rechtbank oordeelt dat uit het gedrag van partijen en de betaling van de satellietaanpassing blijkt dat een koopovereenkomst voor de Nera tot stand is gekomen. De facturen voor de nieuwe machine en werkzaamheden zijn verschuldigd. De vordering tot ontbinding wegens non-conformiteit wordt afgewezen omdat de gebreken niet voldoende zijn aangetoond en reparaties hebben plaatsgevonden.

Buitengerechtelijke incassokosten worden afgewezen wegens niet-naleving van wettelijke vereisten. Partij B wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande bedragen, wettelijke rente en proceskosten. De vorderingen van partij B in reconventie worden afgewezen.

Uitkomst: Partij B wordt veroordeeld tot betaling van openstaande facturen en wettelijke rente; vordering tot ontbinding wegens non-conformiteit wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANKDEN HAAG
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Den Haag
NvE/c
Zaaknummer: 12026313 \ RL EXPL 25-23976
Vonnis van 7 juli 2026
in de zaak van
[partij A] B.V.,
te [vestigingsplaats] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [partij A] ,
gemachtigde: mr. O.R. van Hardenbroek van Ammerstol,
tegen
[partij B ],
te [woonplaats] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [partij B ] ,
gemachtigde: mr. ing. J.M. Eerkes.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 12 december 2025 met producties,
- de conclusie van antwoord in conventie en van eis in reconventie met producties,
- de mondelinge behandeling van 5 juni 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald op vandaag.

2.De feiten

2.1.
[partij B ] heeft op 15 juli 2022 van [partij A] een grasmaaimachine (type AWD Automower) gekocht voor een bedrag van € 6.072,54.
2.2.
De Automower is door [bedrijfsnaam] BV op locatie geïnstalleerd en in bedrijf gesteld.
2.3.
Na aanschaf van de Automower heeft [partij A] de volgende werkzaamheden verricht en gefactureerd aan [partij B ] aan of met betrekking tot de Automower:
factuurdatum
datum werkzaamheden
soort werkzaamheden
bedrag
12-8-2022
5-8-2022
draadbreuk
249,41
15-9-2022
7-9-2022
credit 12-8-22
-249,41
7-10-2022
22-9-2022
lekke band, voorwiel vastgeroest, lagers in de velg vervangen, binnenband vervangen, olie en luchtfilter gecontroleerd
215,36
4-11-2022
3-11-2022
laadstation verplaatsen, werkzaamheden onder garantie
28-7-2023
13-4-2023
gecontroleerd, onder garantie gerepareerd. Enkele maaimesjes dubbel gemonteerd wat zorgt voor onbalans
17-7-2023
messchijf los, scheur in maaihuis. 1 mesje ontbrak hierdoor onbalans in maaisysteem, maaihuis uitgebroken en vervangen, mesjes overgezet
289,67
20-9-2024
3-6-2024
achterwiel probleem, bots probleem, hoofdprintplaat defect en vervangen, regelprintplaat vervangen, kabel vervangen
1183,6
31-10-2024
29-10-2024
draadbreuk
222,72
15-11-2024
4-11-2024
Maait niet langs het huis, klant zelf maaigebied op non-actief gezet, nieuwe begrenzingskabels geinstalleerd
1080,05
11-12-2024
18-11-2024
credit voor 20-9-24
-1183,6
7-2-2025
16-12-2024
controleren op waterschade, onder garantie uitgevoerd
7-4-2025
4-4-2025
draadbreuk
163,17
25-4-2025
25-4-2025
credit 7-4-25
-163,17
2.4.
[partij B ] heeft op 4 november 2024 een e-mail gestuurd naar [partij A] . In die mail geeft hij aan aanhoudende technische problemen te ervaren met de Automower. Hij wil graag in overleg tot een passende oplossing komen. Hij heeft geen vertrouwen meer in de Automower met het zicht op het verval van de garantietermijn. Zijn verzoek is dat [partij A] een nieuwe machine levert.
2.5.
[partij B ] en [partij A] hebben naar aanleiding van de mail van 4 november 2024 op 11 december 2024 een gesprek gehad. In dat gesprek is afgesproken dat [partij A] een bedrag van € 1.183,60 crediteert, dat [partij B ] nog een bedrag van € 1.302,77 betaalt en dat de Automower vanaf dat moment 100% in orde is.
2.6.
Op 11 juni 2025 heeft [partij A] aan de zoon van [partij B ] (hierna: [naam] ) een andere grasmaaimachine meegegeven om uit te proberen.
2.7.
Op 21 juni 2025 raakt de Automower te water. [partij A] heeft de Automower onderzocht en geconstateerd dat deze niet meer te repareren is. Deze werkzaamheden en nog enkele andere werkzaamheden zijn gefactureerd op de factuur van 22 augustus 2025.
2.8.
[naam] heeft op 16 juli 2025 in een e-mail aan [partij A] gevraagd of hij vrijdag even langs kan komen, omdat hij wil kijken wat ze gaan doen met de grasmaaimachine. Nu hebben ze er een die ze niet in de gaten kunnen houden. Ze willen graag de nieuwste met gps gaan testen.
2.9.
Op vrijdag 18 juli 2025 heeft [partij A] een grasmaaimachine 450X Nera Automower (hierna: de Nera) uitgepakt, gedemonstreerd aan [naam] en meegegeven om thuis uit te proberen.
2.10.
[partij A] en [naam] hebben op 11 augustus 2025 contact over de Nera. In dat contact wordt vanuit [naam] meegedeeld dat de Nera tot dat moment goed heeft gewerkt. Vervolgens heeft [partij A] de verkoopfactuur voor de Nera verstuurd naar [partij B ] .

3.Het geschil

in conventie
3.1.
[partij A] vordert - samengevat – om [partij B ] te veroordelen tot betaling van € 5.733,93, vermeerderd met de wettelijke rente en veroordeling in de (proces)kosten.
3.2.
[partij A] legt aan de vordering ten grondslag dat [partij B ] twee facturen onbetaald heeft gelaten. Nu wordt nakoming van beide overeenkomsten gevorderd. De factuur van 11 augustus 2025 ziet op de (ver)koop van de Nera. [partij A] heeft die geleverd, zodat [partij B ] gehouden is de resterende koopprijs van € 4.999 (€ 6.561,98 minus creditfactuur van € 1.562,98) te voldoen.
De factuur van 22 augustus 2025 van € 734,93 heeft betrekking op het verrichten van enkele werkzaamheden aan de Automower, zoals het verhelpen van een bots probleem, een draadbreuk en een onderzoek nadat de Automower in het water is beland. Daarnaast vordert [partij A] een bedrag van € 661,70 aan buitengerechtelijke kosten.
3.3.
[partij B ] voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [partij A] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [partij A] in de kosten van deze procedure. [partij B ] betwist dat hij een koopovereenkomst heeft gesloten voor de Nera. Hij heeft weliswaar de Nera meegekregen, maar dit was een vervangend exemplaar voor de Automower uit 2022 die non-conform was. De andere factuur is [partij B ] niet verschuldigd omdat reparatie kosteloos moet plaatsvinden wanneer de grasmaaimachine niet aan de verwachting voldoet.
in reconventie
3.4.
[partij B ] vordert - samengevat – dat de koopovereenkomst van 15 juli 2022 wordt ontbonden en dat de koopsom van € 6.072,54 wordt terugbetaald alsmede een bedrag van € 1.701,51 ter zake de satellietaanpassing en € 763,70 ter zake buitengerechtelijke kosten.
3.5.
[partij B ] legt aan de vordering ten grondslag dat de op 15 juli 2022 geleverde Automower non-conform is. Er zijn vanaf het begin diverse storingen en problemen opgetreden. Ondanks reparaties beantwoordt de Automower niet aan de koopovereenkomst. Het is [partij A] niet gelukt de gebreken goed te herstellen dan wel een deugdelijke vervanging te leveren. De Nera die op 18 juli 2025 is meegegeven voldeed immers ook niet. Daarom vordert [partij B ] ontbinding van de koopovereenkomst uit 2022 en terugbetaling van de koopprijs. Verder heeft [partij B ] een bedrag van € 1.702,51 betaald voor een satellietaanpassing aan de Nera, omdat die optie niet op de Automower zat. Dat bedrag is onverschuldigd betaald.
3.6.
[partij A] concludeert tot afwijzing van de vorderingen van [partij B ] , met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van [partij B ] in de kosten van deze procedure. [partij A] betwist dat de Automower non-conform was.
3.7.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4.De beoordeling

in conventie
factuur [nummer] de Nera
4.1.
[partij A] vordert hier nakoming van de koopovereenkomst. Om tot een koopovereenkomst voor de Nera te kunnen concluderen is nodig dat partijen hebben afgesproken dat [partij A] de Nera zou leveren aan [partij B ] en dat [partij B ] daarvoor een afgesproken bedrag aan [partij A] zou betalen.
4.2.
Vast staat dat [naam] op 18 juli 2025 bij [partij A] op de zaak is geweest, omdat hij de nieuwste grasmaaimachine met gps wilde testen. [partij A] heeft de Nera gedemonstreerd waarna [naam] de Nera heeft meegenomen en is gaan gebruiken. Verder staat vast dat [partij A] en [naam] op 11 augustus 2025 een gesprek hebben gehad. In dat gesprek heeft [naam] gezegd dat de Nera tot dat moment goed heeft gefunctioneerd. Wat er daarnaast nog is gezegd blijft onduidelijk. [naam] stelt dat in het gesprek de kanttekening is gemaakt dat het al die tijd droog is geweest en er dus gewacht moest worden op een periode met regen. [partij A] stelt dat is afgesproken dat de verkoopfactuur zou worden verstuurd. Uit de stelling van [partij A] (1.9 bij dagvaarding) volgt verder dat [naam] heeft gezegd de satellietontvanger te zullen betalen, wat ook is gebeurd, en dat hij over het bedrag van de Nera moest overleggen met [partij B ] die in [land] zat. Gesteld noch gebleken is dat er een terugkoppeling is geweest vanuit [naam] over de prijs van de Nera. Na dit gesprek heeft [partij A] de factuur verstuurd. De satellietontvanger heeft [partij B ] betaald zoals afgesproken, maar de factuur voor de Nera niet. Hoewel [partij A] niet heeft gesteld dat na het gesprek met [naam] er een akkoord is gekregen van [partij B ] over de prijs voor de Nera valt uit het samenspel van deze feiten en omstandigheden wel voldoende te herleiden dat tussen partijen een koopovereenkomst tot stand is gekomen.
4.3.
Dit is ook een normale gang van zaken wanneer een consument naar een winkel gaat en vertrekt met een product. Dit kan uiteraard anders liggen als het verweer van [partij B ] juist is dat de Nera gratis was vanwege non-conformiteit van de Automower. De kantonrechter gaat echter niet mee in dat verweer. De prijs van de Nera was bekend en die moest [naam] alleen nog met [partij B ] bespreken. Er is geen terugkoppeling gekomen dat die prijs niet goed was of dat de Nera gratis moest zijn. Het eerdere verzoek voor het leveren van een nieuwe grasmaaimachine van [partij B ] in november 2024 was beëindigd met het gesprek op 11 december 2024. Daarna is dat verzoek niet meer geopperd, althans daarvan is niet gebleken. [partij B ] heeft de Nera gehouden en de satellietaanpassing die voor de Nera bedoeld is betaald. De satellietaanpassing is niet bruikbaar zonder de Nera, zodat [partij A] hieruit samen met het stilzwijgen van [naam] na 11 augustus 2025 erop mocht vertrouwen dat de verkoop rond was. De kantonrechter is daarom van oordeel dat voldaan is aan alle voorwaarden voor het tot stand komen van de koopovereenkomst, namelijk het leveren van de Nera tegen een afgesproken prijs. De Nera is geleverd wat betekent dat de factuur voor de Nera verschuldigd is. Deze vordering zal daarom worden toegewezen.
factuur 25002556 van 22 augustus 2025
4.4.
Deze factuur ziet op werkzaamheden verricht op 2 juni 2025, 11 juni 2025 en 9 augustus 2025. Dat deze werkzaamheden zijn uitgevoerd staat niet ter discussie. Anders dan [partij B ] heeft aangevoerd is de kantonrechter van oordeel dat deze werkzaamheden niet hebben plaatsgevonden vanwege herstel van een non-conforme Autopower. De opdracht van 2 juni 2025 zag op bots problemen van de Automower. Dit is opgelost omdat de achterste bovenkap niet goed op zijn plaats zat en opnieuw is gemonteerd. Volgens [partij A] kan dit alleen ontstaan bij het onjuist optillen van de Automower. Bovendien is de Automower op dat moment al bijna drie jaar in gebruik dus dat het gebrek al aanwezig was bij levering kan niet worden vermoed. Het is dan aan [partij B ] om te stellen dat en waarom deze bovenkap een non-conforme Automower oplevert. Dit heeft hij niet gedaan.
Datzelfde geldt voor de draadbreuk op 11 juni 2025. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [partij A] onweersproken gesteld dat een draadbreuk bij dit soort machines niet ongebruikelijk is en kan ontstaan door zetting van de grond. Het aantal draadbreuken dat de afgelopen periode bij [partij B ] is hersteld is volgens [partij A] niet hoger dan het gemiddelde aantal draadbreuken bij dit soort grasmaaimachines. Tot slot is op 11 augustus 2025 een onderzoek uitgevoerd aan de Automower nadat deze in het water is gereden. [partij A] heeft gesteld dat de Automower in het water kon rijden, omdat de veiligheidsdraad overwoekerd was en dus geen beveiliging meer bood. Dat de Automower ongecontroleerd de sloot is ingereden, zoals [partij B ] heeft aangevoerd, volgt de kantonrechter niet. [partij A] heeft voldoende onderbouwd gesteld dat [partij B ] wist of had kunnen weten dat de veiligheidsdraad vrijgehouden moest worden. Dat dit niet is gebeurd blijkt uit de overgelegde foto’s. De omstandigheid dat [partij B ] de voorgaande jaren ook maar één keer per jaar rondom de veiligheidsdraad knipte en er toen ook niets is gebeurd maakt het oordeel niet anders. Het is dan ook aan het handelen of eigenlijk nalaten van [partij B ] te wijten dat de Automower de sloot is ingereden en er onderzoekskosten gemaakt moesten worden.
4.5.
Het voorgaande leidt daarom tot de conclusie dat de gevorderde factuur van € 734,93 zal worden toegewezen.
4.6.
[partij A] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. De kantonrechter stelt vast dat [partij B ] een consument is (een natuurlijk persoon die niet heeft gehandeld in de uitoefening van een beroep of bedrijf). Daarom moet de kantonrechter controleren of is voldaan aan de dan geldende extra eisen voor de verschuldigdheid van buitengerechtelijke incassokosten. [partij A] heeft aan [partij B ] een aanmaning verstuurd die niet voldoet aan de eisen van artikel 6:96 lid 6 BW Pro, omdat het toepasselijke wettelijke tarief niet is vermeld. De gevorderde vergoeding zal daarom worden afgewezen.
4.7.
[partij B ] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [partij B ] worden begroot op:
- griffierecht
559,00
- dagvaarding
120,78
- salaris gemachtigde
720,00
(2 punten × € 360,00)
- nakosten
144,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
1.543,78
in reconventie
geen ontbinding koopovereenkomst Automower
4.8.
[partij B ] grond zijn vordering tot ontbinding van de koopovereenkomst op de non-conformiteit van de Automower. Om tot ontbinding van de koopovereenkomst over te kunnen gaan is nodig dat de Automower niet aan de overeenkomst beantwoordt (non-conform is). Daarnaast moet de verkoper zijn verplichtingen niet goed zijn nagekomen. Die verplichtingen bestaan onder meer uit herstel van de Automower zodat deze wel aan de overeenkomst beantwoordt dan wel vervanging van de Automower. [1]
4.9.
Anders dan [partij B ] heeft gesteld zijn de opgesomde reparatiewerkzaamheden onvoldoende om te concluderen dat de Automower niet aan de overeenkomst beantwoordt.
Omdat de koopovereenkomst op moment van ontbinden al drie jaar oud was, en nu bijna vier jaar, is het aan [partij B ] om voldoende feiten en omstandigheden te stellen waaruit de non-conformiteit van de Automower blijkt. De nu aangevoerde feiten en omstandigheden heeft [partij A] weerlegd met de toelichting over de verrichte werkzaamheden. Uit het onder 2.3 weergegeven overzicht volgt dat er tien keer werkzaamheden zijn uitgevoerd. Drie daarvan vielen (uiteindelijk) onder garantie dan wel service van [partij A] . Zeven werkzaamheden waren het gevolg van gebruik van de Automower en vallen binnen de risicosfeer van [partij B ] . Hierbij kan gedacht worden aan de lekke band, dubbel gemonteerde maaimessen, het ontbreken van een maaimes, het uitzetten van een maaigebied en diverse draadbreuken. Over die draadbreuken is onder 4.4 al geoordeeld dat het aantal breuken niet ongewoon is en daarom voor rekening van [partij B ] blijft. Daarnaast hebben partijen in december 2024 een eind gemaakt aan de discussie over de gestelde technische problemen aan de Automower. Dat nadien opnieuw technische gebreken zijn ontstaan die maken dat de Automower niet aan de overeenkomst beantwoord is niet gebleken. De slotsom is daarom dat niet voldoende is gebleken dat de Automower niet aan de overeenkomst beantwoordt, zodat de vorderingen tot ontbinding van de koopovereenkomst en de terugbetaling van de koopsom stranden.
de satellietaanpassing niet onverschuldigd betaald
4.10.
Omdat onder 4.2 en 4.3 is geoordeeld dat er een koopovereenkomst tot stand is gekomen is de satellietaanpassing van € 1.701,51 niet onverschuldigd betaald. Deze vordering zal daarom worden afgewezen.
geen recht op buitengerechtelijke kosten
4.11.
De vorderingen van [partij B ] worden afgewezen, zodat er geen grond is voor de gevorderde buitengerechtelijke kosten. Deze zullen dan ook worden afgewezen.
4.12.
[partij B ] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van [partij A] worden begroot op:
- salaris gemachtigde
360,00
(1 punt × € 360,00)
Totaal
360,00

5.De beslissing

De kantonrechter
in conventie
5.1.
veroordeelt [partij B ] om aan [partij A] te betalen een bedrag van € 5.733,93, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over:
- het bedrag van € 4.999,00 (aan verkoop grasmaaier), met ingang van 19 augustus 2025,
- het bedrag van € 734,93 (aan verrichten werkzaamheden),met ingang van 22 augustus 2025,
telkens tot de dag van volledige betaling,
5.2.
veroordeelt [partij B ] in de proceskosten van € 1.543,78, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [partij B ] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.3.
veroordeelt [partij B ] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.4.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad,
5.5.
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
5.6.
wijst de vorderingen van [partij B ] af,
5.7.
veroordeelt [partij B ] in de proceskosten van € 360,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [partij B ] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.8.
veroordeelt [partij B ] tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.9.
verklaart dit vonnis wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. N.F.H. van Eijk en in het openbaar uitgesproken op 7 juli 2026.

Voetnoten

1.Artikel 7:21 en Pro 7:22 van het Burgerlijk Wetboek