Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Beschikking op het op 16 maart 2026 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
- het verweerschrift, met bijlage, namens de vader;
- het bericht van 11 mei 2026, met bijlage, namens de moeder.
Feiten
- De vader en de moeder zijn met elkaar gehuwd geweest van 23 december 2011 tot 29 december 2022.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- De ouders oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
- De moeder en de kinderen hebben de Nederlandse nationaliteit. De vader heeft de Marokkaanse nationaliteit.
- De kinderen hebben de hoofdverblijfplaats bij de moeder.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 5 augustus 2022 - voor zover van belang - is de
- Bij vonnis in kort geding van deze rechtbank van 16 november 2023 - voor zover van belang – is de vader veroordeeld tot nakoming van de zorgregeling zoals neergelegd in de beschikking van deze rechtbank van 7 april 2023, op straffe van een dwangsom van € 50,- voor iedere keer dat de vader de zorgregeling niet nakomt, tot een maximum van € 1.000,-.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 29 maart 2024 is bepaald dat de kinderen bij de vader zullen zijn:
Verzoek en verweer
- dat [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] een weekend in de twee weken van vrijdag uit school tot zondagavond 19.00 uur bij de man verblijven, waarbij de man zorg zal dragen voor het ophalen en terugbrengen van de kinderen;
- een verdeling van de vakanties en de feestdagen te bepalen voor ieder jaar inhoudende dat [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] bij de man zullen verblijven conform het hiernavolgende schema:
Beoordeling
Beslissing
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2014 in [geboorteplaats] ;
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2020 in [geboorteplaats] ;
- in de meivakantie verblijven [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] de eerste week bij de man en de tweede week bij de vrouw;
- in de zomervakantie verblijven [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] de eerste drie weken bij de man en de laatste drie weken bij de vrouw;
- verder verblijven [de minderjarige 2] en [de minderjarige 1] de eerste week tijdens de Kerstvakantie bij de man en de tweede week bij de vrouw;