Uitspraak
Scheiding
Beschikking op het op 22 juni 2023 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- de brief van 28 november 2024 van de zijde van de man;
- de brief van 20 mei 2025 van de zijde van de man;
- de brief van 19 augustus 2025, met bijlagen, van de zijde van de man;
- het F9-formlier van 21 augustus 2025 van de zijde van de vrouw;
- de brief van 14 november 2025, met bijlagen, van de zijde van de man;
- de ‘akte uitlating en overlegging producties, tevens houdende wijziging verzoeken’ van 15 november 2025, met bijlagen, van de zijde van de vrouw;
- de brief van 15 januari 2026, met bijlagen, van de zijde van de man;
- de ‘akte uitlating en overlegging producties’ van 15 januari 2026, met bijlagen, van de zijde van de vrouw;
- de brief van 17 maart 2026, met bijlagen, van de zijde van de vrouw.
- de brief van 17 maart 2026, met bijlagen, van de zijde van de man.
Beoordeling
- de duur van het huwelijk;
- de leeftijd en gezondheidstoestand van de echtgenoten;
- hun kwalificaties en professionele situatie;
- de gevolgen van carrièrekeuzes genomen door een van de echtgenoten tijdens hun gezamenlijke leven om de kinderen op te voeden, rekening houdend met de nog te besteden tijd, of beslissingen genomen om de carrière van de echtgenoot te bevorderen terwijl de eigen carrière wordt verwaarloosd;
- de geschatte of voorzienbare bezittingen van de echtgenoten na de afwikkeling van het huwelijksvermogensregime, zowel in kapitaal als inkomen;
- hun bestaande en voorzienbare rechten, met name met betrekking tot sociale zekerheid en ouderdomspensioenen.
uitsluitendde echtgenoot die aanspraak maakt op deze allowance. Volgens de vrouw valt in het onderhavige geval het einde van het huwelijk niet meer aan de ene echtgenoot dan aan de andere echtgenoot te wijten. Zij stelt onder meer dat ook de man tijdens het huwelijk overspel heeft gepleegd. Daarnaast doet de vrouw een beroep op rechtsverwerking. Volgens de vrouw heeft de man zijn recht om op deze uitzondering een beroep te doen verwerkt nu de echtscheiding – mede op verzoek van de man – naar Nederlands recht is uitgesproken op neutrale gronden, te weten duurzame ontwrichting. Het had daarom volgens de vrouw op de weg van de man gelegen om de rechtbank te verzoeken om de beslissing ten aanzien van de echtscheiding aan te houden ten einde de schuldvraag te behandelen. Verder heeft de vrouw betoogd dat het beoordelen van de schuldvraag in strijd is met de Nederlandse openbare orde. Het Nederlandse rechtsstelsel is totaal vreemd met het idee dat het recht op alimentatie teniet kan worden gedaan doordat een partij aan de echtscheiding schuldig wordt verklaard.
€ 15.000,-- – hier geen andere berekening of benadering van de ‘compensatory allowance’ tegenover gesteld. Gelet op voormelde inkomensstromen en ervan uitgaande dat de man dit inkomen na de echtscheiding nog steeds kan genereren, acht de rechtbank het bij het bepalen van de hoogte van de ‘compensatory allowance’ niet onredelijk om uit te gaan van een bedrag van € 15.000,-- per maand om deze inkomensongelijkheid te compenseren. De rechtbank neemt voorts als aanknopingspunt een periode van 100 maanden. De man heeft dan de leeftijd bereikt van 67 jaar. De rechtbank is van oordeel dat het niet onrealistisch is te verwachten dat de man tot die leeftijd eerder genoemd inkomen genereert. Indien uitgegaan wordt van € 15.000,-- x 100 maanden komt dit neer op een bedrag van € 1.500.000,--. De rechtbank vindt dit gelet op alle omstandigheden een redelijk bedrag dat recht doet aan de inkomensongelijkheid van partijen na de echtscheiding.
Ad 3. Bankrekeningen
- ANZ Spaarrekening [spaarrekening 4] met saldo AUD 0,--;
- ANZ Plusrekening [plusrekening] met saldo AUD 0,--.
- Revolut; partijen zijn het er op de zitting over eens geworden dat uitgegaan kan worden van het saldo € 16.917,-- per peildatum;
- LCL bankrekening [bankrekening 2] ; partijen verschillen van mening over het saldo op deze rekening per peildatum. De vrouw gaat uit van een saldo van € 151.251,--. De man gaat uit van een saldo van € 110.000,--. Nu van deze bankrekening geen exacte opgave is gedaan per peildatum, zal de rechtbank de bedragen middelen en uitgaan van een saldo van afgerond € 130.000,-- per peildatum.
- ANZ Access Advantage [bankrekening 3] ; partijen zijn het er op de zitting over eens geworden dat uitgegaan kan worden van het saldo AUD 1.075,-- per peildatum;
- LCL bankrekening [bankrekening 4] ; partijen zijn het er op de zitting over eens geworden dat uitgegaan kan worden van het saldo € 6.437,-- per peildatum.
Ad 4. en 5. De inboedel, lijfgoederen en tassen
Ad 6. Auto’s
Ad 7. [holding] en andere ‘stocks’
Ad 8.’Superannuation’ en verzoek om informatie
Beslissing
€ 250,-- per dag dat de man hiermee in gebreke blijft, met een maximum van € 25.000,--;