Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Beschikking op het op 8 maart 2026 ingekomen verzoek van:
[de moeder],
[de vader],
Procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- het verweerschrift.
Feiten
- Partijen zijn gehuwd geweest van [datum 1] 2014 tot [datum 2] 2023.
- Zij zijn de ouders van het volgende nu nog minderjarige kind:
- [minderjarige] heeft zijn hoofdverblijfplaats bij de moeder.
- Bij beschikking van deze rechtbank van 7 augustus 2023 (bij de rechtbank bekend onder zaakkenmerk C/09/640026) is – voor zover hier aan de orde – een verdeling van de zorg- en opvoedingstaken vastgesteld tussen [minderjarige] en de vader, in die zin dat hij wekelijks, van maandag uit school tot en met vrijdag naar school, alsmede de helft van de vakanties en feestdagen (in onderling overleg te bepalen) bij de vader zal zijn.
Verzoek en verweerDe moeder verzoekt de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken zoals is vastgelegd in de beschikking van 7 augustus 2023 van deze rechtbank te wijzigen, en te bepalen dat [minderjarige] van donderdag uit school tot en met zondag bij de moeder verblijft, alsmede de vakanties als volgt te verdelen:
- zomervakantie: de eerste drie weken bij de moeder en de laatste drie weken bij de vader;
- meivakantie: de eerste week bij de moeder en de tweede week bij de vader;
- kerstvakantie: de eerste week bij de vader en de tweede week bij de moeder;
- voorjaarsvakantie: bij de moeder;
- najaarsvakantie: bij de vader,
Beoordeling
quality timeen een versterkte (emotionele) band met zijn moeder. Het is onvoldoende gebleken dat wijziging van de zorgregeling in het belang van [minderjarige] is.