ECLI:NL:RBDHA:2026:19279

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 juni 2026
Publicatiedatum
13 juli 2026
Zaaknummer
C/09/701074 / FA RK 26-2368
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • C. de Jong – Kwestro
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing uitsluitend gebruik echtelijke woning en toevertrouwing minderjarige kinderen

Partijen zijn gehuwd sinds 2013 en hebben gezamenlijk gezag over twee minderjarige kinderen geboren in 2015 en 2019. De vrouw heeft een verzoek ingediend voor voorlopige voorzieningen, waaronder het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning en de toevertrouwing van de kinderen.

De man heeft geen verweer gevoerd tegen het verzoek. De rechtbank heeft vastgesteld dat de situatie van gezamenlijk verblijf in de woning niet langer houdbaar is vanwege spanningen die ook de kinderen raken. Daarom wordt het verzoek van de vrouw toegewezen om het uitsluitend gebruik van de woning aan haar toe te kennen, met een termijn van twee weken voor de man om de woning te verlaten.

Ook wordt het verzoek om de kinderen aan de vrouw toe te vertrouwen toegewezen, waarbij de vrouw verklaarde het contact tussen de man en de kinderen niet te zullen belemmeren. De rechtbank benadrukt het belang van duidelijke afspraken over het contact.

De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en het verzoek om het gebruik van de inboedel expliciet toe te wijzen wordt afgewezen wegens gebrek aan belang, aangezien het gebruik van de inboedel bij het uitsluitend gebruik van de woning is inbegrepen.

Uitkomst: De vrouw krijgt het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning en de toevertrouwing van de kinderen, met een termijn van twee weken voor de man om de woning te verlaten.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 26-2368
Zaaknummer: C/09/701074
Datum beschikking: 12 juni 2026

Voorlopige voorzieningen

Beschikking op het op 10 maart 2026 ingekomen verzoek van:

[de vrouw],

de vrouw,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. D. Vurdelja in ’s-Gravenhage.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de man],

de man,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift.
De [minderjarige 1] is uitgenodigd voor een gesprek met de kinderrechter op 28 mei 2026. Hij heeft de rechtbank via een brief laten weten hiervan geen gebruik te willen maken.
Op 29 mei 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de vrouw, bijgestaan door haar advocaat en tolk F. El Haji. De man is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

Feiten

  • Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2013 in [plaats 1], [land].
  • Zij zijn de ouders van de minderjarige kinderen:
  • [minderjarige 1] geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats].
  • De ouders oefenen het gezamenlijk gezag uit over de kinderen.
  • De door de vrouw op 3 maart 2026 aanhangig gemaakte echtscheidingsprocedure is bij de rechtbank bekend onder zaak- en rekestnummer C/09/700706 en FA RK 26-2153.

Verzoek en verweer

De vrouw verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
  • te bepalen dat de vrouw voorlopig gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan de [adres] te [plaats 2] en de zich daarin bevindende inboedel, met het bevel dat de man de woning dient te verlaten en niet verder mag betreden;
  • te bepalen dat de kinderen voorlopig aan de vrouw worden toevertrouwd.
De man heeft geen verweer gevoerd.

Beoordeling

Rechtsmacht en toepasselijk recht
De Nederlandse rechter komt rechtsmacht toe. De rechtbank past in deze voorlopige voorzieningenprocedure Nederlands recht toe.
Uitsluitend gebruik echtelijke woning
De vrouw heeft ter onderbouwing van haar verzoek naar voren gebracht dat partijen tot op heden samen in de woning verblijven, maar dat deze situatie niet langer houdbaar is. Volgens de vrouw belemmert de man haar in haar persoonlijke ontwikkeling zolang zij gezamenlijk in de woning verblijven. Daarnaast zijn er spanningen tussen partijen, die voelbaar zijn voor de kinderen.
De man heeft geen verweer gevoerd. De rechtbank zal daarom het verzoek van de vrouw om het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan haar toe te kennen, als niet weersproken en op de wet gegrond, toewijzen. Ook omdat de rechtbank het in het belang van de kinderen acht dat de spanningen in huis verminderen. Daarbij acht de rechtbank het redelijk dat aan de man een termijn van twee weken na de beschikkingsdatum wordt verleend, voordat hij de woning moet verlaten. Dit betekent dat de man de echtelijke woning in ieder geval op 26 juni 2026 moet verlaten.
Het verzoek om te bepalen dat dit uitsluitend gebruik ‘met inbegrip van de inboedel’ is, zal de rechtbank bij gebrek aan belang afwijzen. Bij toewijzing van het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning aan een partij is die partij ook uitsluitend gerechtigd tot de tot die woning behorende inboedelgoederen, voor zover niet bij rechterlijke beschikking tot het dagelijks gebruik aan de andere partij toegewezen.
Toevertrouwing kinderen
De man heeft ook geen verweer gevoerd tegen het verzoek van de vrouw om de kinderen aan haar toe te vertrouwen. De rechtbank zal daarom dit verzoek ook toewijzen.
Op de zitting heeft de vrouw verklaard dat zij het contact tussen de man en de kinderen nooit in de weg zal staan. De rechtbank benadrukt dat het belangrijk is dat partijen hierover duidelijke afspraken maken.

Beslissing

De rechtbank:
*
bepaalt dat de vrouw bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning aan het adres [adres] te [plaats 2] en beveelt mitsdien dat de man die woning
uiterlijk op 26 juni 2026moet verlaten en verder niet mag betreden;
*
bepaalt dat de minderjarigen:
  • [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats];
  • [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2019 in [geboorteplaats],
aan de vrouw zullen worden toevertrouwd;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. de Jong – Kwestro, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. S.A.L. Niemantsverdriet als griffier. De uitspraak is in het openbaar gedaan op 12 juni 2026.