Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
2. problemen in Algerije vanwege zijn adoptie en het seksuele misbruik.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Algerijnse nationaliteit, diende een asielaanvraag in die door verweerder werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De rechtbank beoordeelde het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening gezamenlijk. Eiser stelde dat hij vanwege adoptieproblemen, mishandeling en seksueel misbruik in Algerije vreest voor terugkeer.
Verweerder achtte de identiteit van eiser niet geloofwaardig vanwege het ontbreken van documenten en het gebruik van een alias. De geloofwaardigheid van de overige asielmotieven liet verweerder in het midden, maar stelde dat de vrees voor discriminatie, dienstplicht en vervolging niet aannemelijk was. De rechtbank oordeelde dat verweerder de geloofwaardigheid terecht heeft beoordeeld en dat de afwijzing als kennelijk ongegrond terecht was.
De rechtbank verwierp de beroepsgronden van eiser, waaronder de vermeende strijd met het Unierecht en ondeugdelijke motivering, omdat deze onvoldoende concreet waren onderbouwd. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het beroep inhoudelijk werd behandeld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het eerdere terugkeerbesluit en inreisverbod.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag af en bevestigt de kennelijke ongegrondverklaring.