Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft twee keer beroep ingesteld tegen een besluit van de minister van Asiel en Migratie waarin zijn asielaanvraag niet in behandeling werd genomen omdat Duitsland verantwoordelijk was. Het eerste beroep werd ongegrond verklaard door de rechtbank Rotterdam. Vervolgens stelde verzoeker op 9 januari 2023 een tweede beroep in, dat buiten de wettelijke beroepstermijn van één week viel.
Dit tweede beroep werd op 19 januari 2023 ingetrokken, waarna verzoeker een proceskostenvergoeding vorderde. De rechtbank stelt vast dat het tweede beroep niet-ontvankelijk zou zijn verklaard indien het niet was ingetrokken vanwege de termijnoverschrijding.
Op grond van artikel 8:75a van de Awb kan een verzoek om proceskostenvergoeding worden toegewezen indien het beroep wordt ingetrokken omdat het bestuursorgaan aan de indiener tegemoet is gekomen. Dit was hier niet het geval. Daarom wordt het verzoek als kennelijk ongegrond afgewezen en de proceskostenvergoeding geweigerd.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen omdat het beroep buiten de wettelijke termijn was ingesteld en kennelijk ongegrond is.