ECLI:NL:RBDHA:2026:1993
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen buiten behandeling laten asielaanvraag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn opvolgende asielaanvraag van 17 september 2025 buiten behandeling te laten op grond van artikel 30c, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft op 5 februari 2026 zonder zitting uitspraak gedaan en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Dit omdat de rechtbank bij een andere uitspraak (zaaknummer NL25.48103) reeds op het beroep heeft beslist, waardoor een voorlopige voorziening niet langer nodig is.
Er is geen proceskostenvergoeding toegekend. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het buiten behandeling laten van de asielaanvraag is afgewezen.