Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen
[verzoeker] , verzoeker, [verzoekster 1] , verzoekster 1,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekers hebben tegen de besluiten van 28 augustus 2025, waarbij hun asielaanvragen als kennelijk ongegrond zijn afgewezen, beroepen ingesteld en tegelijkertijd voorlopige voorzieningen gevraagd. De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan.
Tegelijkertijd heeft de rechtbank op dezelfde dag uitspraak gedaan op de beroepen zelf, waardoor de noodzaak voor voorlopige voorzieningen is komen te vervallen. Om die reden wijst de voorzieningenrechter de verzoeken om voorlopige voorziening af.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open. De uitspraak is geanonimiseerd gepubliceerd en openbaar gemaakt op 15 juli 2026.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat de rechtbank inmiddels uitspraak heeft gedaan op de beroepen.