ECLI:NL:RBDHA:2026:2064
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening tegen gebiedsverbod niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Verzoekster heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het door de burgemeester van Lisse aan haar zoon opgelegde gebiedsverbod. De voorzieningenrechter beoordeelt dit verzoek zonder zitting vanwege de kennelijke niet-ontvankelijkheid.
De kern van de beoordeling betreft de betaling van het griffierecht van € 200,-. Verzoekster is door de griffier per aangetekende brief op 7 januari 2026 in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen twee weken te voldoen. De brief is op 9 januari 2026 ontvangen, maar verzoekster heeft het griffierecht niet tijdig betaald.
Verzoekster heeft geen reden opgegeven voor het verzuim en heeft ook niet gereageerd op meerdere verzoeken om aanvullende informatie. Hierdoor is het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk verklaard, zodat de voorzieningenrechter het verzoek niet inhoudelijk heeft beoordeeld. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-tijdige betaling van het griffierecht.