ECLI:NL:RBDHA:2026:21014
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid maatregel van vrijheidsontneming in vreemdelingenrecht
Deze uitspraak betreft het beroep van eiser tegen de maatregel van vrijheidsontneming die aan hem is opgelegd op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwist de rechtmatigheid van deze maatregel en vordert tevens een schadevergoeding.
De rechtbank heeft het beroep inhoudelijk beoordeeld en onder meer gekeken naar de eerdere asielaanvraag van eiser in het Verenigd Koninkrijk, welke niet relevant werd geacht voor de bevoegdheid van verweerder om de maatregel op te leggen. Daarnaast is de vraag van een kwetsbaarheidsbeoordeling onderzocht; uit het proces-verbaal bleek dat geen zichtbare psychische of fysieke trauma’s waren vastgesteld en dat er geen aanwijzingen waren voor mensenhandel. Eiser heeft geen concrete feiten aangevoerd die dit tegenspreken.
De rechtbank concludeert dat de maatregel voldoet aan de wettelijke voorwaarden en niet onrechtmatig is. Er zijn geen bijzondere individuele omstandigheden die vrijheidsontneming onevenredig bezwarend maken. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Eiser krijgt ook geen vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van vrijheidsontneming wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.