Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], V-nummer: [nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Overwegingen
Conclusie en gevolgen
Beslissing
H.J. Renders, griffier.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Ugandese nationaliteit, diende op 27 juli 2023 een opvolgende asielaanvraag in met als grond zijn homoseksuele geaardheid. Eerder was een asielaanvraag afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van zijn relaas, een oordeel dat in hoger beroep werd bevestigd.
De rechtbank beoordeelde de nieuwe aanvraag en concludeerde dat eiser onvoldoende authentieke en diepgaande verklaringen gaf over zijn seksuele geaardheid en het proces van zelfacceptatie. Ook de overgelegde ondersteunende documenten, zoals foto's en chatberichten, konden dit niet compenseren.
Daarnaast werd het betoog dat Ugandese autoriteiten op de hoogte zouden zijn van zijn LHBTI-activiteiten in Nederland verworpen, omdat het bereik van zijn sociale media beperkt is en geen aanwijzingen bestaan dat de autoriteiten hiervan weten.
De rechtbank oordeelde dat de minister de aanvraag terecht als kennelijk ongegrond heeft afgewezen en verklaarde het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst de opvolgende asielaanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van de homoseksuele geaardheid van eiser.