De rechtbank Den Haag heeft op 9 januari 2026 uitspraak gedaan in een zaak betreffende de wijziging van kinderalimentatie en de aanvraag van paspoorten voor drie minderjarige kinderen. De vader verzocht om aanpassing van de kinderalimentatie en vervangende toestemming voor het aanvragen van paspoorten, nadat de moeder weigerde mee te werken.
De rechtbank stelde vast dat er sprake was van gewijzigde omstandigheden die een herberekening van de alimentatie rechtvaardigen. De draagkracht van beide ouders werd nauwkeurig berekend aan de hand van hun inkomsten, fiscale kortingen en het kindgebonden budget. De alimentatiebedragen werden aangepast met inachtneming van zorgkortingen en ingangsdata, waarbij de hoofdverblijfplaats van een van de kinderen bij de vader was vastgesteld.
Daarnaast werd het verzoek van de vader om vervangende toestemming voor de paspoortaanvraag toegewezen, omdat de moeder niet meewerkte en het belang van de kinderen om over geldige reisdocumenten te beschikken zwaarder woog. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.