ECLI:NL:RBDHA:2026:2326
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Machtiging voortzetting inbewaringstelling cliënt met vergevorderde dementie
De rechtbank Den Haag behandelde op 2 januari 2026 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot machtiging voortzetting inbewaringstelling van een cliënt met vergevorderde dementie, opgenomen in een specialistisch geriatrisch behandelcentrum. Cliënt verzet zich tegen de voortzetting en wenst terug naar huis bij zijn echtgenote.
De medische verklaring en getuigenissen van zorgverleners tonen aan dat cliënt een ernstige psychogeriatrische aandoening heeft, namelijk de ziekte van Alzheimer, met snel achteruitgaand functioneren en toegenomen agressie. De thuissituatie werd onhoudbaar door fysieke agressie jegens zijn echtgenote, wat leidde tot opname en inbewaringstelling.
De rechtbank concludeert dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder lichamelijk letsel en psychische schade, en dat minder ingrijpende alternatieven ontbreken. De gespecialiseerde zorg in de accommodatie leidt tot rustiger gedrag van cliënt. Daarom wordt de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken verleend.
De beschikking is gegeven door rechter J.C. van den Dries en griffier K. Houdijk en is op 13 januari 2026 schriftelijk vastgesteld. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken wegens onmiddellijk dreigend ernstig nadeel.