3.4.Gebruikte bewijsmiddelen ten aanzien van dagvaarding I en II
De rechtbank heeft hierna opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.
Ten aanzien van dagvaarding I:
Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer BVH 2025264869 (onderzoek Heliotroop), van de politie eenheid Den Haag, district Westland-Delft, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 118).
1. Het proces-verbaal van aangifte door [aangever 2] , opgemaakt op 6 augustus 2025, voor zover inhoudende (p. 43):
Plaats delict: Delft
Pleegdatum: 6 augustus 2025
Ik sprak met een medewerker van de politie en ik hoorde dat zij aangaf dat mijn zakelijke personenauto vernield was door brandstichting.
Door de brandstichting is mijn voertuig zodanig vernield dat ik hem niet meer kan gebruiken.
2. Het proces-verbaal van aangifte door [aangever 3] , opgemaakt op 6 augustus 2025, voor zover inhoudende (p. 49):
Ik zag vanuit mijn appartement dat mijn voertuig achter een uitgebrand voertuig stond. Op foto's die de politie mij toonde zag ik dat mijn voertuig hitteschade heeft aan de
voorzijde.
3. De verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 28 januari 2026, voor zover inhoudende:
Ik heb het gedaan. Ik heb benzine over de auto gegooid. Ik heb de brand aangestoken met een aansteker.
Ten aanzien van dagvaarding II:
Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door (een) daartoe bevoegde opsporingsambtena(a)r(en). Wanneer hierna wordt verwezen naar dossierpagina’s, betreft dit de pagina’s van het proces-verbaal met het nummer PL1500-2025377354, van de politie eenheid Den Haag, met bijlagen (doorgenummerd pagina 1 t/m 19).
1. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 7 november 2025, voor zover inhoudende (p. 2):
Op 7 november 2025 zag ik op locatie Delft het volgende.
Omstreeks 14:45 uur hoorde ik een alarm afgaan. Ik hoorde een collega zeggen dat het
alarm afkomstig is vanuit de cel 1.05. Samen met andere politie collega's liepen wij
naar de cel 1.05.
Ik rook een geur wat mij bekend was als er brand is geweest. Ik zag dat er op de grond zwartgeblakerd stukjes papier lagen. Dit herken ik als papier wat in brand heeft gestaan.
Ik zag dat er een klein notitieboekje en een aansteker uit de zak kwam van de verdachte.
2. Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 7 november 2025, voor zover inhoudende (p. 4):
Een arrestant geplaatst in cel 1.05. Deze arrestant betrof:
[de verdachte]
Omstreeks 14:45 uur hoorde ik een luid alarm afgaan op de werkvloer die ik herkende
als het brandalarm. Ik hoorde een collega zeggen dat het brandalarm een signaal gaf
dat er brand was in het cellencomplex.
In de cellengang aangekomen zag ik dat het blauwe waarschuwingslampje naast cel 1.05
oplichtte. Ik rook een hevige geur die ik herkende als een brandgeur. Tevens zag ik dat er blauwe rook in de cellengang stond, en met name in cel 1.05.
Ik zag dat er in de cel verkoolde snippers op de grond lagen. Ik kon niet duiden welk materiaal het (geweest) was, maar zag dat toen een collega erop stond het versnipperde, waardoor ik vermoed dat het papier was.
Tevens herkende ik de brandgeur als de geur van verbrand papier.
3. De verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 28 januari 2026, voor zover inhoudende:
In de politiecel was een deken, wc-papier, kussen en een bed.