Uitspraak
Alimentatie
Beschikking op het op 20 januari 2025 ingekomen verzoek van:
[de man],
[de vrouw],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens verzoekschrift.
Rechtbank Den Haag
Partijen zijn gehuwd geweest van 1987 tot 2022 en bij beschikking van 1 september 2022 is partneralimentatie vastgesteld van €150 per maand. De man verzoekt wijziging van deze alimentatie naar nihil, primair met ingang van de datum van de echtscheidingsbeschikking, subsidiair vanaf de datum van het verzoek.
De vrouw verzet zich tegen terugwerkende kracht en stelt dat zij een AOW-uitkering ontvangt die door de alimentatiekorting is verminderd, waardoor zij geld moest lenen van haar kinderen. De rechtbank overweegt dat wijziging met terugwerkende kracht ingrijpende financiële gevolgen kan hebben en dat het risico van de niet-naleving door de man niet bij de vrouw mag blijven.
De rechtbank oordeelt dat de partneralimentatie met ingang van 20 januari 2025, de datum van het verzoek, op nihil wordt gesteld. De man had eerder actie moeten ondernemen. De beschikking van 1 september 2022 wordt dienovereenkomstig gewijzigd en de wijziging wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De partneralimentatie wordt met ingang van 20 januari 2025 op nihil gesteld en de wijziging wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.