Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Beschikking op het op 13 november 2025 ingekomen verzoek van:
[de moeder] ,
[de vader] ,
Procedure
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Verzoek en verweer
- een zorgregeling vast te stellen, inhoudende dat [de minderjarige] één keer in de veertien dagen in de even weken van vrijdag 17.30 uur tot maandagochtend voor het werk van de vader, bij de vader verblijft, waarbij de vader [de minderjarige] ophaalt bij de moeder en haar ook weer terugbrengt en als de vader niet werkt op maandag, [de minderjarige] tot zondagavond 19.00 uur bij de vader zal verblijven, waarbij de wissel plaatsvindt bij de Shell op de [rijksweg] ;
- te bepalen dat de vakanties worden verdeeld conform het door de moeder overgelegde schema;
Feiten
Beoordeling
Beslissing
- in de zomervakantie: in de oneven jaren de eerste drie weken bij de vader is en de laatste drie weken bij de moeder; in de even jaren is het andersom;
- in de herfstvakantie: in de even jaren bij de vader is en in de oneven jaren bij de moeder;
- in de voorjaarsvakantie: in de oneven jaren bij de vader is en in de even jaren bij de moeder;
- in de meivakantie: in de oneven jaren in de eerste week bij de vader is en de tweede week bij de moeder, in de even jaren is het andersom;
- in de kerstvakantie: in de oneven jaren de eerste week bij de vader is en de tweede week bij de moeder, in de even jaren is het andersom;