ECLI:NL:RBDHA:2026:2948
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-ontvankelijkheid na beslissing op bezwaar
Verzoeker diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning met het doel verblijf bij familie en gezin. De minister van Asiel en Migratie nam deze aanvraag niet in behandeling en wees het bezwaar tegen dit besluit af. Verzoeker vroeg vervolgens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een voorlopige voorziening alleen kan worden gevraagd zolang bezwaar of beroep aanhangig is (connexiteitsvereiste). Omdat het bezwaar inmiddels is afgehandeld en verzoeker geen beroep heeft ingesteld binnen de daarvoor gestelde termijn, is het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en is definitief, er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het bezwaar is afgehandeld en geen beroep is ingesteld.