ECLI:NL:RBDHA:2026:3000
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Nigeriaanse man wegens onvoldoende aannemelijk gemaakte vrees voor vervolging
Eiser, een Nigeriaanse man, diende op 18 september 2025 een asielaanvraag in met het argument dat hij vanwege de moord op zijn broer en een daaropvolgende aanval door leden van de politieke partij PDP vreest voor vervolging bij terugkeer naar Nigeria.
Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij een gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade loopt. De rechtbank bevestigt dit oordeel na beoordeling van het dossier en het nader gehoor.
De rechtbank oordeelt dat het feit dat eiser aangifte deed bij de politie niet gelijkstaat aan het innemen van een politieke positie. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de PDP nog actief op zoek is naar eiser of dat hij bij terugkeer opnieuw in hun vizier komt. De langdurige periode zonder incidenten en het ontbreken van concrete aanwijzingen wegen zwaar.
Verder acht de rechtbank het niet aannemelijk dat eiser bescherming nodig heeft van de Nigeriaanse autoriteiten. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de asielaanvraag af. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende aannemelijk gemaakte vrees voor vervolging.