De rechtbank Den Haag heeft op 24 februari 2026 uitspraak gedaan in een zaak tegen een verdachte die op 24 november 2025 twee winkeldiefstallen pleegde bij supermarkten in Pijnacker-Nootdorp. De verdachte bekende de feiten en er was voldoende bewijs om de tenlasteleggingen wettig en overtuigend te bewijzen.
De verdachte is een Poolse man die sinds 2009 in Nederland verblijft en sinds 2019 met justitiële problemen en dakloosheid kampt. Hij is sinds 2021 bekend bij de reclassering, die een negatief advies gaf vanwege gebrek aan probleeminzicht, motivatie en een patroon van recidive, waaronder huiselijk geweld en verstoring van de openbare orde.
De rechtbank stelde vast dat aan de harde criteria van artikel 38m Sr is voldaan, waaronder eerdere onherroepelijke vrijheidsstraffen en recidive. Ook de zachte criteria zijn vervuld, omdat minder ingrijpende maatregelen onvoldoende zijn gebleken. De reclassering adviseerde een onvoorwaardelijke ISD-maatregel, die de rechtbank passend achtte.
De rechtbank legde de verdachte een onvoorwaardelijke ISD-maatregel van twee jaar op zonder aftrek van voorarrest, om de maatschappij te beschermen tegen herhaling van delicten. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.