De moeder verzoekt de rechtbank om het gezamenlijk gezag over haar twee minderjarige kinderen te wijzigen in eenhoofdig gezag, waarbij zij als enige gezagsdrager wordt belast. De vader, die geen verweer voert en geen contact onderhoudt met de kinderen sinds de verhuizing van Engeland naar Nederland in 2023, woont in Engeland en is niet betrokken bij de opvoeding.
De rechtbank stelt vast dat de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft op grond van Brussel II ter-verordening en dat Nederlands recht van toepassing is. De moeder heeft aannemelijk gemaakt dat de omstandigheden zijn gewijzigd en dat het gezamenlijk gezag niet langer in het belang van de kinderen is. De communicatie tussen ouders verloopt slecht en de vader verleent geen toestemming waar nodig, wat praktische problemen veroorzaakt.
Gezien de kwetsbaarheid van een van de kinderen en de noodzaak van snelle en adequate beslissingen, acht de rechtbank het niet reëel te verwachten dat de communicatie binnen afzienbare tijd verbetert. Daarom wijst de rechtbank het verzoek van de moeder toe en kent haar het eenhoofdig gezag toe, met onmiddellijke uitvoerbaarheid.