Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten in conventie en in reconventie
- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2020 in [geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2023 in [geboorteplaats 2] .
- [minderjarige 1] elke woensdagmiddag, gezamenlijk met de vrouw en [minderjarige 2] , contact heeft met de man, voor de duur van twee uur, waarbij partijen in onderling overleg een andere dag/ander tijdstip overeen kunnen komen;
- [minderjarige 1] – naast het contactmoment op woensdag met het hele gezin – vanaf 29 juli 2024 tot 26 augustus 2024 één keer per week een middag bij de man is, voor de duur van vier uur, waarbij partijen in onderling overleg overeen dienen te komen op welke dag dit contactmoment plaatsvindt;
- [minderjarige 1] – naast het contactmoment op woensdag met het hele gezin – vanaf 26 augustus 2024 tot 23 september 2024 wekelijks op donderdag van 11.00 uur tot 19.30 uur bij de man is;
- [minderjarige 1] – naast het contactmoment op woensdag met het hele gezin – vanaf 23 september 2024 tot aan de mondelinge behandeling van de bodemprocedure de ene week op donderdag van 11.00 uur tot 19.30 uur bij de man verblijft en de andere week van zaterdag 10.00 uur tot zondag 18.00 bij de man verblijft, waarbij de man zorgdraagt voor het ophalen en het brengen van [minderjarige 1] ;
- [minderjarige 1] de overnachtingen in de weekendregeling vanaf 23 september 2024 tot en met 27 oktober 2024 doorbrengt met de man bij de grootouders vaderszijde;
- [minderjarige 1] de overnachtingen in de weekendregeling vanaf 2 november 2024 doorbrengt bij de man thuis;
- de man voor alle contactmomenten het brengen en halen voor zijn rekening neemt, tenzij partijen in onderling overleg tot een andere afspraak komen;
3.Het geschil
€ 250,00 per dag of dagdeel dat de man zulks nalaat met een maximum van € 5.000,00, althans een door de rechtbank in goede justitie vast te stellen bedrag;