Uitspraak
Scheiding met nevenvoorzieningen
Beschikking op het op 29 november 2024 ingekomen verzoek van:
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift;
- de vrouw bijgestaan door haar advocaat;
- de man bijgestaan door zijn advocaat.
Feiten
- [meerderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2000 te [geboorteplaats] ;
- [meerderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2003 te [geboorteplaats] ;
- [meerderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 3] 2006 te [geboorteplaats] .
- dat de man bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de echtelijke woning te [postcode] [plaats 2] , [adres] , en beveelt mitsdien dat de vrouw die woning verder niet mag betreden behoudens voorafgaande instemming van de man tijdens de dagen dat zij (aantoonbaar) nachtdiensten heeft;
- dat de man aan de vrouw met ingang van de datum van afgifte van deze beschikking voorlopig een partneralimentatie van € 1.700, - per maand zal betalen, telkens bij vooruitbetaling te voldoen.
Verzoek en verweer
- dat partijen reeds bij helfte in overwaarde van de woning hebben gedeeld;
- dat het saldo van de op naam van partijen staande bank- en cryptorekeningen per peildatum bij helfte dient te worden verdeeld;
- voor wat betreft de op eigen naam staande bankrekening de man te gelasten inzage te geven in het saldiverloop tot zes maanden voor de peildatum, waarbij de man gehouden is de door hem van deze bankrekening onttrokken bedragen aan de gemeenschap te vergoeden;
- dat de man de vrouw ter zake de verdeling van de inboedel en de toedeling van de auto aan de man een overbedelingsvergoeding dient te voldoen van resp. € 5.000,- en € 1.750,- derhalve in totaal € 6.750,-, dan wel zodanige overbedelingsvergoeding als de rechtbank juist acht;
- bepaling dat de man de huwelijkse schulden uit hoofde van regionale en gemeentelijke oz-heffingen met een beloop van € 1.713,98,- voor zijn rekening neemt en dat de vrouw gehouden is de helft ad € 856,99,- binnen twee weken na de te wijzen beschikking aan de man te voldoen;
- veroordeling van de vrouw tot betaling van € 3.870,75,- aan de man in verband met zijn regresrecht voor de leningen van mevrouw [naam 1] ;
- bepaling dat de vrouw de helft van de inleg van de spaarhypotheek ad € 1.523,16,- binnen twee weken na heden na de te wijzen beschikking dient te vergoeden;
- bepaling dat de vrouw gehouden is de helft van het vergoedingsrecht van de man op de gemeenschap ad € 62.728,77,- te weten € 31.364,39,-, binnen twee weken na de te wijzen beschikking aan de man voldoet (zulks ter vervanging van punt 29 van het verweerschrift tevens houdend zelfstandig verzoekschrift van de man nu de woning verkocht is en de opbrengst al bij helfte tussen partijen is verdeeld);
Beoordeling
.
- de algemene heffingskorting;
- de arbeidskorting;