Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[cliënt] ,
Procesverloop
- een aanvraag voor een rechterlijke machtiging aan het CIZ van 13 januari 2026;
- de beschikking van de burgemeester van de gemeente Teylingen van 5 februari 2026 tot inbewaringstelling;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde op 11 februari 2026 het verzoek van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) tot het verlenen van een rechterlijke machtiging voor opname en verblijf van cliënt met gevorderde Alzheimer, alsmede het verzoek tot voortzetting van de inbewaringstelling.
Cliënt, geboren in 1967, lijdt aan een ernstige psychogeriatrische aandoening met geheugenstoornissen, desoriëntatie en psychotische klachten, waaronder wanen en agressie. Ondanks medicatie en intensieve zorg door familie en thuiszorg is de thuissituatie niet langer houdbaar. Cliënt verzet zich tegen opname en wil terug naar het buitenland.
De rechtbank oordeelt dat opname noodzakelijk en geschikt is om ernstig nadeel te voorkomen, en dat geen minder ingrijpende maatregelen beschikbaar zijn. Daarom wordt de machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden verleend. Het verzoek tot voortzetting van de inbewaringstelling wordt afgewezen omdat met de machtiging reeds in de noodzakelijke zorgbehoefte wordt voorzien.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden en wijst het verzoek tot voortzetting van de inbewaringstelling af.