Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.De verdere procedure
- het tussenvonnis van 29 juli 2025 en de daarin genoemde stukken;
- het deskundigenbericht van de heer ing. [naam 2] van 24 november 2025;
- de conclusie na deskundigenbericht op de rol van 6 januari 2026 van [eiseres];
- de conclusie na deskundigenbericht op de rol van 6 januari 2026 van Klaverblad.
2.De verdere beoordeling
Dat hierbij het schadebeeld optreed[t] zoals dat te zien is op de foto’s van mevrouw [eiseres] is naar de mening van ondergetekende zeer voorstelbaar. En ook:
Ook de ter discussie staande valrichting van de scherven zijn naar de mening van ondergetekende volstrekt verklaarbaar binnen het hiervoor geschetste scenario. De scherven bevinden zich globaal binnen een valhoek van 90o van het tafelblad.
Vervolgens werd het porselein aan een onderzoek onderworpen en wel met het “blote” oog als met een 10 maal vergrotende loep en UV licht. Elk van de 3 stukken bleek op een ondeskundige wijze eerder te zijn gerestaureerd namelijk door lijmen. (….) Gelet op de aanwezige lijmresten op de breukvlakken is dit lijmen voor de datum van 09 juni 2023 gebeurd. Een exacte datum is niet te geven. Uiteraard heeft de ondeskundige restauratie betrekking tot de waarde van elk object.
Wij vergoeden de marktwaarde tot maximaal 40% van de cataloguswaarde bij verzamelingen.
€ 1.200,=, maar dat heeft zij nagelaten. De slotsom van al het voorgaande is dus dat Klaverblad een bedrag van € 1.200,= als de marktwaarde van de porseleinen objecten aan [eiseres] dient te vergoeden.