Uitspraak
Scheiding met nevenvoorzieningen
Beschikking op het op 12 november 2024 ingekomen verzoek van:
[de man] ,
[de vrouw] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 14 november 2024 van de zijde van de man;
- het F9-formulier van 15 november 2024 van de zijde van de man, met bijlage;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoekschrift;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat en S.L. Moallemzadeh, een tolk;
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat en M. Abdi, een tolk;
- [naam] , namens de Raad voor de Kinderbescherming.
Feiten
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2012 te [geboorteplaats] , [land] .
Verzoek en verweer
Beoordeling
.
1 juni 2026, waarbij geldt dat de man zich uiterlijk op
23 april 2026dient uit te laten over de bruidsgave, de overwaarde van de echtelijke woning en de gewenste afwikkeling van de saldi op de bankrekeningen. De vrouw dient vervolgens uiterlijk op
7 mei 2026te reageren op de stukken van de man, waarbij zij zich ook dient uit te laten over de overwaarde van de echtelijke woning en de gewenste afwikkeling van de saldi op de bankrekeningen. Vervolgens dienen beide partijen zich uiterlijk op
21 mei 2026uit te laten over de gewenste voortgang van de procedure.
Beslissing
[de minderjarige], geboren op [geboortedatum 1] 2012 te [geboorteplaats] , [land] , en verklaart deze gezagsvoorziening uitvoerbaar bij voorraad;
ten aanzien van de zorgregeling, de kinder- en partneralimentatie, de bruidsgave en de verdeling van de huwelijksgemeenschapaan tot
1 juni 2026 pro forma.