ECLI:NL:RBDHA:2026:4281
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij weigering verblijfsdocument EU/EER
Eiser, met de Surinaamse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsdocument EU/EER om bij zijn gestelde moeder te verblijven, vanwege haar medische problematiek. De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af omdat eiser de familierechtelijke relatie en bijzondere afhankelijkheidsverhouding met de referente niet had aangetoond.
De rechtbank constateerde dat eiser Nederland op 31 juli 2024 heeft verlaten en niet is teruggekeerd. Ook de referente is Nederland inmiddels ontvlucht. Hierdoor heeft eiser geen procesbelang meer bij de behandeling van het beroep tegen de afwijzing van zijn aanvraag.
De rechtbank verklaarde het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk. Tevens werd het griffierecht niet teruggegeven en werden geen proceskosten toegekend. De rechtbank wees erop dat eiser en referente vrij zijn een nieuwe aanvraag in te dienen indien zij terugkeren naar Nederland.
Uitkomst: Het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening worden niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.