Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , eiseres,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiseres, een vrouw uit Sri Lanka, diende op 5 maart 2024 een asielaanvraag in wegens vrees voor vervolging door een verre neef van haar vader, die haar in 2019 seksueel misbruikte en bedreigde. Daarnaast overleed haar broer in 2020 door een ongeluk waarbij deze neef betrokken was. Eiseres vreesde ook voor een incident in 2023 waarbij mannen bij een familielid kwamen, vermoedelijk handlangers van de neef.
De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af omdat de recente bedreigingen in 2023 ongeloofwaardig werden geacht, ondanks dat eerdere incidenten uit 2019 en 2020 wel geloofwaardig waren. Eiseres voerde aan dat een medisch advies ontbrak, dat de beoordeling niet integraal was en dat zij behoort tot een specifieke sociale groep met risico op sociale uitsluiting en gedwongen hertrouw.
De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het niet-tijdig beslissen niet-ontvankelijk is, maar dat het beroep tegen de afwijzing ongegrond is. De rechtbank vond dat eiseres niet aannemelijk had gemaakt dat zij sinds 2020 nog problemen ondervond, dat het incident in 2023 niet overtuigend was en dat zij niet voldeed aan de voorwaarden van het traumabeleid, mede omdat zij niet binnen zes maanden na het trauma was vertrokken.
De rechtbank veroordeelde de minister tot vergoeding van proceskosten voor het niet-tijdig beslissen. Het beroep werd afgewezen, waarmee de afwijzing van de asielaanvraag in stand bleef.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard en de aanvraag blijft afgewezen.