Eiser, een Turkse Koerd, diende op 19 december 2022 een asielaanvraag in die op 17 december 2025 werd afgewezen als kennelijk ongegrond vanwege twijfel aan zijn geloofwaardigheid en een gevaar voor de openbare orde.
Verweerder kwam terug op een eerdere positieve geloofwaardigheidsbeoordeling na onderzoek waaruit bleek dat overgelegde documenten waarschijnlijk vals waren. Eiser voerde aan dat hij ten onrechte niet is gehoord over zijn strafrechtelijke veroordeling en dat de motivering van verweerder onvoldoende was.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht terugkwam op de geloofwaardigheid, maar dat eiser wel had moeten worden gehoord over het delict en zijn huidige houding. Het besluit is daarom onvoldoende zorgvuldig voorbereid en wordt vernietigd. Verweerder moet een nieuw besluit nemen rekening houdend met deze uitspraak.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af en veroordeelt verweerder in de proceskosten van € 2.802,-.