ECLI:NL:RBDHA:2026:5064

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
10 maart 2026
Publicatiedatum
12 maart 2026
Zaaknummer
NL26.9670
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 18 DublinverordeningArt. 13 DublinverordeningArt. 17 DublinverordeningArt. 30 Vreemdelingenwet 2000
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep ongegrond tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel met Spanje

Eiser, een Algerijnse nationaliteit dragende persoon, heeft op 23 januari 2026 asiel aangevraagd in Nederland. Verweerder heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat Spanje volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Uit Eurodac-gegevens blijkt dat eiser eerder asielaanvragen heeft ingediend in Frankrijk, Slovenië en Zwitserland en dat hij illegaal via Spanje de EU is binnengekomen.

Eiser betoogt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel jegens Spanje niet langer geldt vanwege systematische en structurele tekortkomingen in de Spaanse opvangvoorzieningen, waardoor hij risico loopt op ernstige schade bij terugkeer. De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Spanje zijn verdragsverplichtingen niet zal nakomen of dat er sprake is van ernstige tekortkomingen die het vertrouwensbeginsel doorbreken.

De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak en het AIDA-rapport 2024, die geen wezenlijk ander beeld geven van de situatie in Spanje. Ook is niet gebleken dat klagen bij Spaanse autoriteiten zinloos is. Verweerder heeft terecht geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om de asielaanvraag zelf te behandelen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard omdat Spanje verantwoordelijk is en het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet is doorbroken.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.9670

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [V-nummer] ,
(gemachtigde: mr. F.J.M. Schonkeren),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Procesverloop

Bij het besluit van 20 februari 2026 (het bestreden besluit) heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. [1]
Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb [2] uitspraak zonder zitting.

Beoordeling door de rechtbank

1. Eiser stelt te zijn geboren op [geboortedag] 1989 en de Algerijnse nationaliteit te hebben. Hij heeft op 23 januari 2026 asiel aangevraagd in Nederland.
2. Bij het bestreden besluit heeft verweerder de asielaanvraag van eiser niet in behandeling genomen. Uit onderzoek in Eurodac is gebleken dat eiser op 7 december 2016 in Frankrijk, op 18 juli 2019 in Slovenië en op 21 augustus 2019 in Zwitserland al een asielaanvraag heeft ingediend. Daarnaast blijkt uit het onderzoek in Eurodac dat eiser op 1 september 2025 illegaal het grondgebied van de lidstaten is ingereisd via Spanje. Volgens verweerder is het niet aannemelijk dat eiser het grondgebied van de lidstaten heeft verlaten na zijn asielaanvraag in Zwitserland. Verweerder heeft daarom op grond van artikel 18, eerste lid, aanhef en onder b, van de Dublinverordening [3] de Spaanse autoriteiten verzocht om eiser terug te nemen. De Spaanse autoriteiten hebben dit verzoek op 3 februari 2026 geaccepteerd op grond van artikel 13, eerste lid, van de Dublinverordening.
3. Eiser kan zich niet verenigen met het bestreden besluit en voert daartegen aan dat ten aanzien van Spanje niet langer van het interstatelijk vertrouwensbeginsel kan worden uitgegaan. Eiser vreest bij terugkeer naar Spanje geen toegang te krijgen tot opvang, omdat er is sprake van systematische en structurele tekortkomingen in de Spaanse opvangvoorzieningen. Het tekort aan opvang in Spanje duurt al jaren voort en de Spaanse autoriteiten hebben geen of onvoldoende actie ondernomen om de systeemfouten aan te pakken. Gelet op het voorgaande loopt eiser een reële risico om bij terugkeer op straat terecht te komen, niet in zijn elementaire basisbehoeften te kunnen voorzien en een risico te lopen op ernstige schade.
De rechtbank oordeelt als volgt.
4. In beginsel mag verweerder ten opzichte van Spanje, dat evenals Nederland partij is bij het EVRM [4] en het Vluchtelingenverdrag, uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Dit is bevestigd in de uitspraken van de Afdeling [5] van 20 juli 2023, [6] 24 juni 2024, [7] 3 februari 2025 [8] en 25 november 2025. [9] Het ligt op de weg van eiser om aannemelijk te maken dat in zijn geval daar niet van kan worden uitgegaan. Verweerder heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat eiser er niet in is geslaagd aannemelijk te maken dat de Spaanse autoriteiten hun verdragsverplichtingen jegens hem niet zullen nakomen en dat bij terugkeer een situatie zal ontstaan die in strijd is met artikel 3 van Pro het EVRM of artikel 4 van Pro het Handvest. [10]
Ook is niet gebleken van ernstige, structurele tekortkomingen in het asielsysteem of de opvangvoorzieningen. Het AIDA-rapport van 30 april 2025, [11] waar eiser in zijn zienswijze naar verwijst, heeft de Afdeling betrokken in haar uitspraak van 25 november 2025. Daarover oordeelt de Afdeling dat dit rapport geen wezenlijk ander beeld geeft van de situatie in Spanje voor Dublinclaimanten dan uit de landeninformatie volgt die de Afdeling bij haar eerdere uitspraken heeft betrokken. Eiser heeft verder niet onderbouwd dan wel aannemelijk gemaakt dat hij geen toegang zal krijgen tot de asielprocedure en opvangvoorzieningen in Spanje. Bovendien hebben de Spaanse autoriteiten met de aanvaarding van het overnameverzoek gegarandeerd dat zij de asielaanvraag van eiser in behandeling zullen nemen met inachtneming van de Europese richtlijnen en internationale verdragen. Indien eiser in Spanje toch wordt geconfronteerd met tekortkomingen bij de behandeling van zijn asielaanvraag, in de opvang of anderszins, kan hij hierover klagen bij de Spaanse (hogere) autoriteiten. Niet is gebleken dat klagen bij de Spaanse autoriteiten voor eiser niet mogelijk of bij voorbaat zinloos is.
5. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd waarom hij geen gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid om op grond van artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening de behandeling van eisers asielaanvraag aan zich te trekken. Eiser heeft verder geen bijzondere individuele omstandigheden aangevoerd, anders dan de omstandigheden die zijn betrokken bij de beoordeling van het interstatelijk vertrouwensbeginsel, die maken dat overdracht aan Spanje van onevenredige hardheid getuigt.
6. Verweerder heeft de asielaanvraag van eiser terecht niet in behandeling genomen. Het beroep is ongegrond.
7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan op 10 maart 2026 door mr. E.J. Govaers, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Mohandes, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
2.Algemene wet bestuursrecht.
3.Verordening (EU) nr. 604/2013.
4.Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
5.Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
10.Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
11.AIDA-rapport, Country Report: Spain (2024 Update).