ECLI:NL:RBDHA:2026:5329
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Vervangende toestemming voor vakantie met minderjarige kinderen naar het buitenland
De moeder heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend om vervangende toestemming te verkrijgen om met haar drie minderjarige kinderen van 15 tot en met 28 februari 2026 naar het buitenland te reizen. Dit verzoek is gedaan omdat zij de vader, die gezamenlijk gezag uitoefent, niet kon bereiken om zijn toestemming te verkrijgen.
De kinderen hebben hun hoofdverblijfplaats bij de moeder en de ouders zijn gescheiden. Er is een ouderschapsplan opgesteld en ondertekend door beide ouders. De vader heeft geen verweer gevoerd en is niet verschenen op de zitting.
De rechtbank heeft de minderjarige kinderen gehoord en heeft het verzoek van de moeder toegewezen, omdat het in het belang van de kinderen is dat zij met hun moeder kunnen reizen om haar ernstig zieke moeder te bezoeken. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en iedere partij draagt de eigen proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verleent de moeder vervangende toestemming om met de minderjarige kinderen naar het buitenland te reizen.