Wetting & De Roode heeft [gedaagde partij] bijgestaan in een echtscheidingsprocedure op toevoegingsbasis, die later werd ingetrokken. De advocaat vordert betaling van gewerkte uren tegen een uurtarief, schadevergoeding, incassokosten en rente. De kantonrechter oordeelt dat het kostenbeding in de algemene voorwaarden niet transparant is geformuleerd en dat Wetting & De Roode haar precontractuele informatieplicht heeft geschonden.
De rechter stelt vast dat het kostenbeding niet oneerlijk is, maar dat de schending van de informatieplicht leidt tot een prijsvermindering van 30%. Hierdoor wordt het openstaande bedrag verminderd tot €7.392,58, dat [gedaagde partij] moet betalen. De gevorderde schadevergoeding en incassokosten worden afgewezen omdat het beding hierover oneerlijk is en niet voldoet aan wettelijke vereisten.
De kantonrechter wijst het standpunt van [gedaagde partij] af dat zij niet hoeft te betalen wegens onvoldoende belangenbehartiging. De proceskosten worden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en op 4 maart 2026 uitgesproken.