Uitspraak
[de man] ,
[de moeder] ,
[minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2020 in [geboorteplaats 1] ,
Procedure
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- het e-mailbericht van 4 februari 2025 van de man, met bijlage;
- het verslag van 13 maart 2025 van de bijzondere curator;
- het bericht van 7 april 2025 van de man;
- het bericht van 8 april 2025 van de moeder;
- het verweerschrift met zelfstandig verzoek, met bijlagen, ingekomen op 12 januari 2026.
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- het bericht van 22 april 2025 van de man, met bijlagen;
- het e-mailbericht van 7 januari 2025 van de moeder;
- het bericht van 8 januari 2025 van de man;
- het verweerschrift, met bijlagen, ingekomen op 9 januari 2026.
- de man bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder bijgestaan door haar advocaat;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming.
Feiten
- De man en de moeder hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Uit een eerdere relatie van de moeder is [minderjarige 2] geboren, op [geboortedatum 2] 2016 in [geboorteplaats 1] .
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zijn niet erkend.
- De man is niet de biologische vader van [minderjarige 2] . De man is wel de biologische vader van [minderjarige 1] .
- De moeder heeft van rechtswege het eenhoofdig gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] wonen bij de moeder.
- De moeder is ook de moeder van [minderjarige 3] .
- Bij beschikking van 19 november 2024 van deze rechtbank is het verzoek van de man tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen.
Verzoek en verweer
- de toestemming van de moeder door de toestemming van de rechtbank te vervangen, zodat de man kan overgaan tot erkenning van [minderjarige 1] als zijn kind;
- te bepalen dat de man en de moeder gezamenlijk worden belast met het ouderlijk gezag over [minderjarige 1] ;
- een omgangs-/zorgregeling vast te stellen, inhoudende dat de man zorgdraagt voor [minderjarige 1] conform onderstaande:
- [minderjarige 1] verblijft eenmaal per veertien dagen in het weekend bij de man van vrijdagmiddag tussen 15.15 – 18.30 uur tot zondagavond 18.30 uur. De tijd op vrijdagmiddag is afhankelijk van het werkrooster van de man. De man werkt in het onderwijs en ontvangt per tien weken zijn werkrooster. Dat wil zeggen per tien weken kan de exacte tijd van ophalen op vrijdagmiddag vooraf worden doorgegeven aan de moeder. De man haalt [minderjarige 1] op vrijdagmiddag op bij de moeder en de moeder haalt [minderjarige 1] op zondagavond op bij de man;
- [minderjarige 1] verblijft in het andere weekend op zondag van 17.00 uur tot 19.00 uur bij de man. De man zal [minderjarige 1] dan ophalen om in of rond de woonplaats van de moeder iets met [minderjarige 1] te ondernemen en brengt [minderjarige 1] daarna terug;
- op woensdagavond rond 18.30 uur zal [minderjarige 1] (kort) videobellen met de man;
- de vakanties en feestdagen worden bij helfte tussen partijen verdeeld.
- [minderjarige 2] verblijft eenmaal per veertien dagen in het weekend bij de man van vrijdagmiddag tussen 15.15 – 18.30 uur tot zondagavond 18.30 uur, gelijk aan de regeling die voor [minderjarige 1] wordt vastgelegd. De tijd op vrijdagmiddag is afhankelijk van het werkrooster van de man. De man werkt in het onderwijs en ontvangt per tien weken zijn werkrooster. Dat wil zeggen per tien weken kan de exacte tijd van ophalen op vrijdagmiddag vooraf worden doorgegeven aan de moeder. De man haalt [minderjarige 2] op vrijdagmiddag op bij de moeder en de moeder haalt [minderjarige 2] op zondagavond op bij de man;
- [minderjarige 2] verblijft in het andere weekend op zondag van 17.00 uur tot 19.00 uur bij de man. De man zal [minderjarige 2] dan ophalen om in of rond de woonplaats van de moeder iets met [minderjarige 2] te ondernemen en brengt [minderjarige 2] daarna terug;
- de vakanties en feestdagen worden bij helfte tussen partijen verdeeld, gelijk aan de regeling die voor [minderjarige 1] zal gelden.
Beoordeling
- in de oneven weken van vrijdag tussen 15.15 en 18.30 uur tot zondag 17.00 uur;
- in de even weken op woensdag van 17.00 uur tot 19.00 uur en in de oneven weken zullen zij op woensdag om 18.30 uur videobellen;
- de helft van de vakanties en feestdagen, in onderling overleg bij helfte tussen partijen te verdelen.
26-07-2023: geen biologische vader (spermadonor) wel een vader in gezin aanwezig afgelopen jaar vader depressie en heeft thuis gezeten”, “
31-10-2023, voor [minderjarige 2] duidelijk dat [de man] niet vader is, op school noemt ze [hem] wel papa”, “
27 februari 2024: moeder geeft aan alleen voor de verzorging en opvoeding van de kinderen te staan, terwijl dat voor de depressie niet zo was” en “
8 april 2024: partner van moeder is nog niet op oude level van functioneren en moeder moet daardoor meer doen dan dat zij gewend was, eerder meer verdelen van taken”. Dat de moeder op de zitting heeft aangevoerd dat de man tijdens hun relatie alleen zorgtaken voor [minderjarige 1] op zich nam en niet voor [minderjarige 2] (en [minderjarige 3] ) is, mede gelet op de gemotiveerde betwisting van de man, niet gebleken en ook niet aannemelijk gelet op de door de moeder zelf geschetste gezinsdynamiek. Dat de man door zijn depressie enige tijd minder beschikbaar was voor de moeder dan wel voor [minderjarige 2] , doet daar niet aan af. De man is dus ontvankelijk in zijn verzoek.
Beslissing
- in de oneven weken van vrijdag tussen 15.15 en 18.30 uur tot zondag 17.00 uur bij de man zal zijn, waarbij de man per tien weken de exacte begintijd vooraf doorgeeft aan de moeder;
- in de even weken op woensdag van 17.00 uur tot 19.00 uur bij de man zal zijn en in de oneven weken op woensdag om 18.30 uur met de man zal videobellen;
- de helft van de vakanties en feestdagen bij de man zal zijn, in onderling overleg tussen partijen te verdelen;
- waarbij de man [minderjarige 1] bij de moeder ophaalt en [minderjarige 1] naar de moeder terugbrengt;
het gezagaan tot
15 juli 2026 pro forma;