Eiseres, een vierjarig meisje met de Nigeriaanse nationaliteit, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning verblijf bij ouder. De minister stelde de aanvraag buiten behandeling en legde opnieuw een terugkeerbesluit op, terwijl reeds bij een eerder besluit een terugkeerbesluit was opgelegd.
De rechtbank oordeelt dat het nieuwe terugkeerbesluit onterecht is genomen en had moeten worden herroepen. Omdat eiseres en haar gemachtigde niet op de zitting verschenen, kon geen nadere toelichting worden gegeven, maar de rechtbank beperkt zich tot het terugkeerbesluit als enige beroepsgrond.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit voor zover het het terugkeerbesluit betreft en treedt zelf in de plaats van het vernietigde besluit. Tevens wordt de minister veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 934,- aan eiseres.