ECLI:NL:RBDHA:2026:6003
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing handhavingsverzoek geluidsoverlast geluidsinstallatie schoolplein
Eiser woont naast een basisschool en ervaart geluidsoverlast van een geluidsinstallatie die enkele keren per jaar bij schoolactiviteiten wordt gebruikt. Hij verzocht het college van burgemeester en wethouders van Westland om handhavend op te treden. Dit verzoek werd op 20 september 2023 afgewezen en het bezwaar van eiser op 9 april 2024 eveneens.
De Omgevingsdienst Haaglanden voerde twee geluidsmetingen uit, waaruit volgens verweerder geen overtreding bleek. Eiser betwist dit en stelt dat de meetresultaten onjuist zijn geïnterpreteerd en dat het geluidniveau de toegestane normen overschrijdt. De rechtbank stelt vast dat de Algemene plaatselijke verordening (Apv) geen bepalingen bevat die versterkt geluid binnen een inrichting reguleren, en dat de relevante artikelen alleen zien op onversterkte muziek.
De rechtbank oordeelt dat het handhavingsverzoek niet kan worden toegewezen omdat geen overtreding van wettelijke voorschriften is vastgesteld. Tevens is de Apv gewijzigd, waardoor de school voortaan een melding moet doen voor festiviteiten, wat de handhaving verder beperkt. De rechtbank waardeert het verbeterde contact tussen partijen na mediation en verklaart het beroep ongegrond, waarbij eiser geen proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het handhavingsverzoek wordt ongegrond verklaard omdat geen overtreding van geluidsnormen is vastgesteld.