Uitspraak
Voorlopige voorzieningen
Beschikking op het op 19 december 2025 ingekomen verzoek van:
[de vrouw],
[de man],
Procedure
- het verzoekschrift;
- het verweerschrift met een zelfstandig verzoek;
- het F9-formulier van 29 januari 2026, houdende een vermeerdering van het verzoek, met bijlagen, van de vrouw.;
- het F9-formulier van 29 januari 2026, met bijlagen, van de vrouw.
- de F9-formulieren van 29 januari 2026, met bijlagen, van de man.
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).
Feiten
- Partijen zijn met elkaar gehuwd op [datum] 2020 in [plaats], [land 1].
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2022 in [geboorteplaats], [geboorteland];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 in [geboorteplaats], [geboorteland].
Verzoek en verweer
- de kinderen aan de vrouw worden toevertrouwd;
- er een zorgregeling tussen de man en de kinderen zal gelden, inhoudende dat:
- de kinderen elke woensdagmiddag bij de man verblijven, waarbij de vrouw de kinderen tussen 11.00 uur en 12.00 uur naar de man brengt en hij de kinderen om 18.00 uur naar de vrouw terugbrengt, alsook te bepalen dat de kinderen alleen vervoerd mogen worden met een autostoel;
- [minderjarige 1] om de week van vrijdag na school tot en met zondag 16.00 uur bij de man verblijft, waarbij de man [minderjarige 1] ophaalt van school en op zondag naar de vrouw terugbrengt;
- [minderjarige 2] om de week bij de man verblijft, van vrijdagmiddag tot en met zaterdag om 13.00 uur waarbij [minderjarige 2] door de man wordt opgehaald en op zaterdag weer naar de vrouw wordt gebracht;
- de man als bijdrage in de kosten van opvoeding en verzorging van de kinderen € 406,- per kind per maand aan de vrouw betaalt, althans een bedrag door de rechtbank in goede justitie te bepalen, telkens bij vooruitbetaling aan de vrouw te voldoen;
- de man zal bijdragen in het levensonderhoud van de vrouw met € 1.335,- bruto per maand, telkens bij vooruitbetaling aan de vrouw te voldoen, althans een oordeel door de rechtbank in goede justitie te bepalen,
- het verzoek om een voorlopige voorziening voor wat betreft kinder- en partneralimentatie niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel af te wijzen wegens schending artikel 21 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv)/het ontbreken van voldoende dringend belang, subsidiair gedeeltelijk af te wijzen en gedeeltelijk toe te wijzen, rekening houdende met de door de man gestelde omstandigheden en met ingang van de datum van de beschikking, meer subsidiair een beslissing te nemen die de rechtbank in goede justitie voorkomt;
- de vrouw te veroordelen in de proceskosten van de man, die kunnen worden begroot op het griffierecht en de kosten van juridische bijstand (nader te specificeren), althans de forfaitaire proceskosten, althans een zodanige beslissing te nemen als de rechtbank in goede justitie vermeent te behoren;
- alsmede deze beschikking voor zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.
Beoordeling
0,3 x NBI), en of dat zou leiden tot een hogere onderhoudsbijdrage. De rechtbank ziet daartoe, gelet op de omstandigheden van dit geval, geen aanleiding. Niet is gebleken dat de woonlasten van de man duurzaam aanmerkelijk lager zijn dan het woonbudget, aangezien hij – hoewel hij momenteel bij familieleden verblijft – op zoek is naar eigen woonruimte waarvoor hij het berekende woonbudget nodig heeft. De enkele stelling van de vrouw dat zij verwacht dat de man voorlopig bij zijn moeder zal blijven wonen, is onvoldoende om aan te nemen dat hij duurzaam geen (of aanmerkelijk lagere) woonlasten zal hebben.
(€ 1.061 -/- € 181).
Beslissing
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2022 in [geboorteplaats], [geboorteland];
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 in [geboorteplaats], [geboorteland],
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2022 in [geboorteplaats], [geboorteland], wekelijks van donderdag 16.00 uur tot zaterdag 18.00 uur bij de man verblijft;
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2024 in [geboorteplaats], [geboorteland], tot en met april 2026 wekelijks van vrijdag 16.00 uur tot zaterdag 18.00 uur bij de man verblijft en dat hij vanaf mei 2026 wekelijks van donderdag 16.00 uur tot zaterdag 18.00 uur bij de man verblijft;