Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker] , verzoeker,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de minister van Asiel en Migratie vastgesteld dat het verblijfsrecht van verzoeker als gemeenschapsonderdaan in oktober 2021 van rechtswege is geëindigd. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd ongegrond verklaard bij een besluit van 27 oktober 2023. Vervolgens stelde verzoeker beroep in tegen dit bestreden besluit en verzocht hij de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening zonder zitting behandeld op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Bij uitspraak van 15 april 2024 in een gerelateerde zaak (zaaknummer NL23.34760) is reeds uitspraak gedaan op het beroep, waardoor de noodzaak voor een voorlopige voorziening is komen te vervallen.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is beslist.