ECLI:NL:RBDHA:2026:6368
Rechtbank Den Haag
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak in cold case moordzaak wegens onvoldoende bewijs
De rechtbank Den Haag behandelde een cold case moordzaak uit 1992 waarbij verdachte werd beschuldigd van betrokkenheid bij de dood van het slachtoffer. Het dossier bevatte weinig forensisch bewijs en veel wisselende getuigenverklaringen, waaronder van familieleden en getuigen die hun eerdere verklaringen deels introkken.
Het slachtoffer werd op 27 januari 1992 vermoedelijk omstreeks 17:00 uur in zijn garage in Den Haag door meerdere schoten van korte afstand gedood. Verdachte had een conflict met het slachtoffer vanwege diens relatie met zijn vrouw en had hem meerdere malen bedreigd, ook met een vuurwapen. Verdachte ontbrak echter een sluitend alibi voor het tijdstip van de moord, terwijl zijn zoon [naam 1] wel aanwezig was in de garage.
Ondanks de aanwijzingen voor betrokkenheid van verdachte en zijn zoon kon de rechtbank niet vaststellen wie het slachtoffer daadwerkelijk heeft gedood. Er was geen bewijs van samenwerking of medeplichtigheid. De verdachte werd daarom vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs. De voorlopige hechtenis van verdachte werd per direct opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van betrokkenheid bij de moord.