ECLI:NL:RBDHA:2026:6392

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 maart 2026
Publicatiedatum
24 maart 2026
Zaaknummer
NL25.44213
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag

Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag op 12 september 2025 in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekster is het niet eens met deze beslissing en heeft beroep ingesteld en tegelijkertijd een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de behandeling van het beroep op 4 maart 2026 behandeld. Tijdens de zitting waren verzoekster, haar gemachtigde, een tolk en de gemachtigde van de minister aanwezig.

Op 19 maart 2026 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep (zaaknummer NL25.44212). Omdat de hoofdzaak inmiddels is beslist, is een voorlopige voorziening niet langer nodig. Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is afgewezen omdat de hoofdzaak inmiddels is beslist.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.44213

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoekster] , V-nummer: [V-nummer] , verzoekster

(gemachtigde: mr. I.M. Zuidhoek),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. J. Isibor).

Samenvatting

1. Deze uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening gaat over de niet-ontvankelijk verklaring van de asielaanvraag van verzoekster. Verzoekster is het hier niet mee eens. Zij verzoekt daarom om een voorlopige voorziening en voert daartoe een aantal gronden aan. Zij heeft daartegen ook beroep ingesteld.
1.1.
De voorzieningenrechter wijst in deze uitspraak het verzoek af. Hierna legt de voorzieningenrechter uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Verzoekster heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft met het bestreden besluit van 12 september 2025 deze aanvraag in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
2.1.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep (NL25.44212), op 4 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster, D.K. Ehigiene als tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

3. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.44212, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
3.1.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N.M. Spelt, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. T.G. Bijvank, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 19 maart 2026.
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.