ECLI:NL:RBDHA:2026:6880
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek gedetineerde tot bijwonen uitvaart moeder tijdens voorlopige hechtenis
De gedetineerde is veroordeeld tot zeven jaar gevangenisstraf wegens deelname aan een criminele organisatie en bevindt zich in voorlopige hechtenis. Na het overlijden van zijn moeder verzocht hij om verlof om de uitvaart bij te wonen, maar dit werd door het gerechtshof en de inrichting geweigerd vanwege het strafrestant en de noodzaak van bewaking.
De gedetineerde stelde dat het onschuldvermoeden geldt en dat het recht op familieleven een belangenafweging vereist, maar de rechtbank oordeelde dat de beslissing van de selectiefunctionaris marginaal getoetst moet worden en in redelijkheid genomen kon worden.
De rechtbank overwoog dat het bijwonen van de uitvaart onder bewaking niet mogelijk is en dat het recht op familieleven geen onvoorwaardelijk recht op verlof inhoudt. De vordering werd afgewezen en de gedetineerde werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek van de gedetineerde om de uitvaart van zijn moeder bij te wonen wordt afgewezen vanwege noodzakelijke bewaking tijdens voorlopige hechtenis.