AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vaststelling geboortegegevens van buiten Nederland geboren Nederlandse
Verzoekster, een Nederlandse die in het Verenigd Koninkrijk woont, heeft de rechtbank verzocht om haar geboortegegevens vast te stellen omdat er geen geboorteakte van haar is geregistreerd in de gemeente ’s-Gravenhage.
De rechtbank oordeelt dat zij rechtsmacht heeft op grond van artikel 3 RvPro en dat het verzoek gegrond is op artikel 1:25c BW. Verzoekster kan het verzoek indienen omdat zij de Nederlandse nationaliteit bezit.
Er is geen authentieke geboorteakte overgelegd en verzoekster kan deze ook niet verkrijgen volgens de plaatselijke voorschriften. Daarom stelt de rechtbank de geboortegegevens vast zoals voorgesteld door de ambtenaar van de burgerlijke stand.
De rechtbank wijst het verzoek tot uitvoerbaarverklaring bij voorraad af vanwege de aard van de zaak. Ook worden geen oudergegevens vastgesteld omdat daarvoor onvoldoende aanwijzingen zijn.
De beschikking is op 27 februari 2026 in het openbaar uitgesproken door rechter C. van Hees.
Uitkomst: De rechtbank stelt de geboortegegevens van verzoekster vast en wijst het meer of anders verzochte af.
Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-5751
Zaaknummer: C/09/689310
Datum beschikking: 27 februari 2026
Vaststellen geboortegegevens
Beschikking op het op 29 juli 2025 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoekster] ,
verzoekster,
volgens de registratie niet-ingezetenen geëmigreerd naar het Verenigd-Koninkrijk,
advocaat: mr. C.A.E.C.J.M. Hooft te Gilze (gemeente Gilze en Rijen).
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,
zetelend te ’s-Gravenhage,
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift, met bijlagen;
- de brief van de ambtenaar van 30 december 2025;
- het F9-bericht van 8 januari 2026, met als bijlage een gewijzigd verzoekschrift.
Gelet op de inhoud van de stukken heeft de rechtbank aanleiding gezien om de zaak zonder mondelinge behandeling op de stukken af te doen.
Feiten
Verzoekster is bij Koninklijk Besluit van 13 juni 2000 met KB-nummer [nummer] genaturaliseerd.
In de Nederlandse BRP staat verzoekster geregistreerd als: “ [verzoekster] ”, geboren op [geboortedatum 1] 1960 te [geboorteplaats] , [land] .
Van verzoekster is geen geboorteakte geregistreerd in de registers van de gemeente ’s-Gravenhage.
Verzoek
Het verzoek strekt er, na wijziging, toe dat de rechtbank de voor het opmaken van de geboorteakte van verzoekster noodzakelijke gegevens zal vaststellen, een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De ambtenaar heeft er geen bezwaar tegen wanneer de geboortegegevens als volgt worden vastgesteld:
Naam: [naam]
Voornamen: -
Plaats van geboorte: [geboorteplaats] , [land]
Dag van geboorte: [geboortedatum 1] 1960 dan wel [geboortedatum 2] 1960
Geslacht: vrouwelijk.
Beoordeling
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Omdat verzoekster de Nederlandse nationaliteit heeft, is de rechtbank van oordeel dat het onderhavige verzoek voldoende met de rechtssfeer van Nederland is verbonden, zodat de Nederlandse rechter op grond van artikel 3 aanhefPro en onder c van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) rechtsmacht toekomt.
Het verzoek tot vaststelling van de geboortegegevens is gegrond op artikel 1:25c van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank zal op dit verzoek Nederlands recht als haar interne recht toepassen.
Ontvankelijkheid
Op grond van artikel 1:25c, eerste lid, BW kan de rechtbank van een buiten Nederland geboren persoon op verzoek de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, onder meer indien deze persoon de Nederlandse nationaliteit heeft.
Verzoekster heeft de Nederlandse nationaliteit, zodat zij kan worden ontvangen in haar verzoek.
Inhoudelijke beoordeling
De rechtbank is gebleken dat geen geboorteakte van verzoekster is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente Den Haag. Onder de overgelegde stukken bevindt zich ook geen authentieke en gelegaliseerde geboorteakte van verzoekster. Naar het oordeel van de rechtbank is voldoende aannemelijk dat verzoekster niet kan beschikken over de benodigde overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte geboorteakte. Daarom moeten de geboortegegevens worden vastgesteld, zoals bedoeld in artikel 1:25c BW.
De rechtbank merkt ten overvloede op dat, nu onvoldoende aanwijzingen zijn verkregen hoe de oudergegevens van verzoekster dienen te luiden, dan wel hoe de afstamming tot stand is gekomen, de rechtbank geen oudergegevens zal vaststellen. Daarnaast merkt de rechtbank op dat door middel van een latere vermelding van de naturalisatie en naamsvaststelling, die door de ambtenaar zal worden toegevoegd aan de geboorteakte van verzoekster, uit de geboorteakte zal blijken dat verzoekster vanaf de datum van de naturalisatie de in het besluit genoemde geslachtsnaam en voornaam heeft.
Het verzoek is op de wet gegrond en op navolgende wijze voor toewijzing vatbaar. Nu de aard van de zaak zich verzet tegen het uitvoerbaar bij voorraad verklaren van de beschikking, zal de rechtbank het hiertoe strekkend verzoek afwijzen.
Beslissing
De rechtbank:
stelt de volgende voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vast:
Naam : [naam]
Voornaam : -
Geboortedatum : [geboortedatum 2] 1960
Geboorteplaats : [geboorteplaats] , [land]
Geslacht : F (vrouwelijk)
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. van Hees, rechter, bijgestaan door mr. S.B. Boekema als griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 februari 2026.