Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:7398

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 april 2026
Publicatiedatum
1 april 2026
Zaaknummer
C/09/686145 / HA ZA 25-485
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:217 BWArt. 3:33 BWArt. 3:35 BWArt. 6:232 BWArt. 6:234 lid 3 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Aansprakelijkheid opslagbedrijf voor verloren goederen bij internationale verhuizing

Eiser en zijn vriendin verhuisden van Amsterdam naar Los Angeles en lieten hun inboedel opslaan bij Boxie 24 en vervolgens vervoeren door Transpack Shipping Services. Bij aankomst in Los Angeles bleek de inboedel incompleet. De rechtbank stelde vast dat de goederen verloren zijn geraakt tijdens de opslag bij Boxie 24.

Boxie 24 was tekortgeschoten in de nakoming van haar bewaarplicht, maar haar algemene voorwaarden sluiten aansprakelijkheid uit. De rechtbank oordeelde dat deze uitsluiting onredelijk is voor schade onder €2.000, waardoor een schadevergoeding van €2.000 wordt toegewezen. De vorderingen tegen Transpack Shipping Services en Bolster, de transporteur en verzekeraar, werden afgewezen omdat onvoldoende bewijs was dat de goederen tijdens transport verloren zijn gegaan.

De rechtbank oordeelde verder dat eiser de overeenkomst als consument is aangegaan en dat Boxie 24 haar algemene voorwaarden rechtsgeldig heeft toegepast. De buitengerechtelijke incassokosten werden deels toegewezen (€300), en Boxie 24 werd veroordeeld tot betaling van proceskosten. De kosten tussen eiser en de andere gedaagden werden gecompenseerd.

Uitkomst: Boxie 24 is aansprakelijk voor verloren goederen tijdens opslag en moet €2.000 schadevergoeding betalen; vorderingen tegen transporteur en verzekeraar worden afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK Den Haag

Team Handel
Zaaknummer: C/09/686145 / HA ZA 25-485
Vonnis van 1 april 2026
in de zaak van
[eiser], te [woonplaats] (Verenigde Staten van Amerika),
eiser,
hierna te noemen: eiser,
advocaat: mr. F.A.E. Diderich,
tegen

1.BOX AT WORK AMSTERDAM B.V., te Almelo,

gedaagde 1,
hierna te noemen: Boxie 24,
advocaat: mr. M. Smit,

2. TRANSPACK SHIPPING SERVICES B.V., te Rotterdam,

gedaagde 2,
hierna te noemen Transpack Shipping Services,
advocaat: mr. V.R. Pool,

3. BOLSTER B.V., te Amsterdam,

gedaagde 3,
hierna te noemen Bolster,
advocaat: mr. J.A. Kopp.

1.De procedure

1.1.
Het procesdossier bestaat uit de volgende stukken:
- de dagvaarding van 19 mei 2025, met producties 1 tot en met 35;
- de conclusie van antwoord van Boxie 24, met producties 1 tot en met 4;
- de conclusie van antwoord van Transpack Shipping Services;
- de conclusie van antwoord van Bolster;
- de akte met aanvullende producties 37 en 37 van eiser;
- de akte met aanvullende producties 5 en 6 van Boxie 24.
1.2.
De mondelinge behandeling heeft op 23 februari 2026 plaatsgevonden. Partijen hebben hun standpunten nader toegelicht aan de hand van spreekaantekeningen, die zij aan de rechtbank hebben overhandigd. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen en hun advocaten tijdens de zitting hebben gezegd.

2.Waar gaat de zaak over?

2.1.
Eiser en zijn vriendin zijn van Amsterdam naar Los Angeles, de Verenigde Staten, verhuisd. Voor deze verhuizing hebben ze hun inboedel eerst laten opslaan bij Boxie 24 in Amersfoort en vervolgens laten vervoeren door Transpack Shipping Services naar Los Angeles. Bij ontvangst van de goederen in Los Angeles bleek dat de inboedel incompleet was aangekomen. De vraag die centraal staat in deze zaak is: wanneer zijn de goederen verloren geraakt en wie kan daarvoor - en in welke mate - aansprakelijk worden gehouden? De rechtbank stelt in dit vonnis vast dat goederen verloren zijn geraakt tijdens de opslag bij Boxie 24. Boxie 24 is tekort geschoten, maar haar algemene voorwaarden sluiten aansprakelijkheid uit. De beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid brengen mee dat de rechtbank de schadevordering van eiser tegen Boxie 24 toewijst tot een bedrag van € 2.000,00. De vorderingen tegen Transpack Shipping Services en Bolster worden afgewezen.

3.De feiten

3.1.
Boxie 24 biedt opslagruimtes aan.
3.2.
Transpack Shipping Services biedt transport voor internationale verhuizingen aan.
3.3.
Bolster is een assurantietussenpersoon, die zich specialiseert in verhuisverzekeringen.
3.4.
Eiser is een muzikant uit Nieuw-Zeeland. Eiser heeft in 2023 met zijn vriendin [naam] (hierna te noemen: [naam] ) in Amsterdam gewoond. Zij zijn vervolgens naar Los Angeles, de Verenigde Staten, geëmigreerd en moesten dus ook hun inboedel verhuizen.
3.5.
Voor de tijdelijke opslag van hun goederen hebben zij Boxie 24 benaderd. Boxie 24 heeft op 25 oktober 2023 de verhuisdozen bij eiser in Amsterdam opgehaald.
3.6.
Op 25 oktober 2023 heeft Boxie 24 de volgende bevestiging aan [naam] gestuurd: ‘We would like to inform you that your belongings have been picked up successfully and are safely being stored with us.’
3.7.
Bij e-mail van 27 oktober 2023 heeft Boxie 24 het volgende aan [naam] gemaild:
‘We would like to inform you that your belongings are safely being stored with us.
Your items are being stored in a storage unit of 7 m2 instead of the estimated 3 m2. --> Lots more items were collected and the inventory list got way bigger compared to what was mentioned on the phone and where also the offer got made on
We will adjust your monthly invoice accordingly to the amount of €129.95.
This create an invoice of 70€ extra for the first month since the charge already went through.
Furthermore the collection is only from free from 1-4m2 your 3m2 did fit in that but since its 7m2 there will be a charge of 150€ for all the items that were collected.
Please understand that the space requirement is only an estimate at the time of booking. Some
customers require more space than they thought, other customers require less. In both cases, we adapt
the storage plan accordingly to the actually used m2.
Our warehouse specialists make sure that all items get stored as space-saving as possible. At the
same time, they store your items in a manner that ensures they will remain undamaged during the
entire storage period.’
3.8.
Vervolgens heeft eiser Transpack Shipping Services opdracht gegeven voor de verhuizing van de inboedel van de opslagplaats van Boxie 24 naar Los Angeles. Dit traject van het transport heeft eiser bij Bolster verzekerd. Op 24 april 2024 heeft Transpack Shipping Services goederen van eiser bij Boxie 24 opgehaald.
3.9.
Bij e-mail van 26 april 2024 heeft Transpack Shipping Services het volgende bericht aan eiser gestuurd:
‘Your shipment turns out to be 3 m3 instead of 5 m3, therefor you will receive a refund of
€ 275,00 on your move. Please find the credit invoice attached.’
3.10.
Op 12 augustus 2024 is het schip met de lading in de haven van Los Angeles aangekomen. Vervolgens is op 18 september 2024 de lading bij het nieuwe woonadres van eiser bezorgd.
3.11.
Eiser heeft toen een inventarislijst van goederen van Schumacher Cargo Logistics Inc. onder ogen gekregen. Deze inventarislijst was op 24 april 2024 door Windmill Forwarding opgesteld en komt niet overeen met de inventarislijst die eiser eerder had opgesteld en op 23 april 2024 aan Transfer Shipping Services had verzonden. Verder heeft eiser waargenomen dat de verhuisdozen waren opengemaakt en weer dichtgemaakt en opnieuw genummerd waren. Daarbij heeft hij waargenomen dat er goederen van hem en [naam] missen.
3.12.
Bij een overeenkomst van lastgeving heeft [naam] een lastgeving en volmacht aan eiser gegeven voor het stellen van vorderingen voor rekening van haar.

4.Het geschil

4.1.
Eiser vordert – samengevat – dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:
i. Boxie 24, Transpack Shipping Services en Bolster hoofdelijk veroordeelt tot betaling aan eiser van € 40.280,00, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 november 2024 tot de dag van volledige betaling;
ii. Boxie 24, Transpack Shipping Services en Bolster hoofdelijk veroordeelt tot betaling aan eiser van de buitengerechtelijke incassokosten van € 1.425,14, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening; en
een en ander met de veroordeling van Boxie 24, Transpack Shipping Services en Bolster in de kosten van deze procedure.
4.2.
Aan zijn vorderingen legt eiser het volgende ten grondslag. Eiser stelt dat een deel van zijn goederen bij de opslag dan wel verhuizing van de opslagplaats van Boxie 24 naar Los Angeles verloren zijn geraakt. Eiser houdt gedaagden daarvoor hoofdelijk aansprakelijk.
Boxie 24 is daarmee tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van de bewaarnemingsovereenkomst tussen eiser en Boxie 24. Boxie 24 was gehouden de goederen te bewaren en terug te geven. Een deel van de aan haar toevertrouwde goederen zijn niet teruggegeven aan eiser. Boxie 24 heeft daarbij ook niet de zorg betracht die zij in acht had moeten nemen als een goed bewaarnemer. Zij heeft de goederen niet veilig opgeslagen. Volgens Transpack Shipping Services zijn slechts veertig van de zestig verhuisdozen aangetroffen bij Boxie 24, waardoor de goederen onder Boxie 24 verloren moeten zijn geraakt. Voor de schade die eiser daardoor heeft geleden, is Boxie 24 aansprakelijk.
Eiser en Transpack Shipping Services zijn een gecombineerd goederenvervoersovereenkomst overeengekomen, waaronder een verhuisovereenkomst begrepen. Transpack Shipping Services is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen op grond van de overeenkomst. Zij was gehouden om de goederen in de staat waarin zij haar ten vervoer ter beschikking zijn gesteld af te leveren en dat heeft zij niet gedaan. Dit geldt voor alle goederen die eiser op zijn paklijst aan Transpack Shipping Services heeft opgegeven en niet slechts de goederen die Transfer Shipping Services van Boxie 24 heeft meegekregen. Zelfs als Transpack Shipping Services die goederen niet heeft meegekregen, dan komt dat voor haar rekening en risico. Zij heeft immers nagelaten om daarop actie te ondernemen, zoals het controleren van de goederen bij het ophalen daarvan of het tijdig informeren van eiser over de goederen die bij het ophalen ontbraken.
Eiser en Bolster zijn een verzekeringsovereenkomst overeengekomen. Op grond van die overeenkomst is Bolster gehouden tot uitkering van de schadevergoeding die is ontstaan door het verlies van de goederen tijdens transport. Dit betreft een bedrag van € 39.550,00.
4.3.
Boxie 24, Transpack Shipping Services en Bolster voeren verweer. Zij concluderen tot niet-ontvankelijkheid van eiser, dan wel tot afwijzing van zijn vorderingen, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van eiser in de kosten van deze procedure.
4.4.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

5.De beoordeling

Goederen van eiser zijn verloren geraakt
5.1.
De rechtbank is van oordeel dat eiser voldoende concreet heeft onderbouwd dat er goederen, die hij ter opslag aan Boxie 24 heeft aangeboden, verloren zijn geraakt. Daartoe overweegt de rechtbank het volgende.
5.2.
Voordat Boxie 24 op 25 oktober 2023 de verhuisdozen kwam ophalen, had eiser op 24 oktober 2023 een paklijst opgestuurd aan Boxie 24. Tijdens het ophalen van de goederen op 25 oktober 2023 heeft eiser foto’s gemaakt van de verhuisdozen. Daarnaast heeft eiser foto’s gemaakt van de verhuisdozen zoals deze in Los Angeles zijn afgeleverd. Bij vergelijking van de verschillende bewijsstukken kan worden vastgesteld dat 5 pallets met goederen aan Boxie 24 zijn aangeboden. Op de foto’s van 25 oktober 2023 kunnen ten minste onderscheiden worden een computerscherm, een TV-scherm, een Prophet 6 Synthesizer en dozen met het DJ Pioneer logo. Deze goederen, als voorbeeld genomen door de rechtbank, staan niet alleen op de foto’s van 25 oktober 2023 maar zijn ook vermeld op de paklijst die eiser aan Boxie 24 heeft verstrekt. Zij ontbreken op de Windmill Forwarding inventarislijst die bij de aflevering in Los Angeles aan eiser is overhandigd, alsmede op de foto’s van de goederen, die eiser na aflevering heeft gemaakt. Tegen de achtergrond van deze bevindingen heeft eiser deugdelijk gemotiveerd gesteld dat (ten minste) de genoemde goederen die hij aan Boxie 24 ter opslag heeft aangeboden, verloren zijn geraakt. De rechtbank passeert daarom het verweer van Boxie 24, dat eiser dat bewijs niet geleverd heeft of kan leveren. De stelling van Boxie 24 dat ze de paklijsten niet heeft gecontroleerd en dat ook niet hoefde, is daarvoor - in het licht van de bewijsstukken van eiser - onvoldoende. De opgave van eiser op de paklijst aan Boxie 24 acht de rechtbank voldoende betrouwbaar, omdat een groot deel van de goederen op die lijst wel in Los Angeles is aangekomen.
5.3.
Vervolgens rijst de vraag waar de goederen verloren zijn geraakt en onder wiens toezicht: dat van Boxie 24 of van Transpack Shipping Services.
De rechtbank stelt vast dat de goederen onder Boxie 24 verloren zijn geraakt
5.4.
Naar het oordeel van de rechtbank kan op basis van de bewijsstukken van eiser vastgesteld worden dat goederen onder Boxie 24 verloren zijn geraakt. Hiervoor is het volgende redengevend.
5.5.
Toen Transpack Shipping Services (althans haar transporteur Voerman) op 24 april 2024 de goederen op de opslagplaats bij Boxie 24 ophaalde heeft zij een lijst van de aangetroffen goederen opgesteld, de zogenaamde Windmill Forwarding inventarislijst en de daarbij behorende
Work Instruction. Op 24 april 2024 is deze inventarislijst afgetekend voor afgifte van de spullen, onder meer door een paraaf op het voorblad van het formulier en in het vak ‘eigenaar of agent’ (productie 26 eiser, pagina’s 1,3 en 4). De rechtbank heeft
Boxie 24 ter zitting voorgehouden of deze paraaf van een medewerker van Boxie 24 was, die heeft getekend voor afgifte van goederen van eiser aan de transporteur. Boxie 24 heeft ontkend dat een medewerker van haar deze documenten heeft ondertekend, met als reden dat een kopie daarvan niet in haar administratie voorkomt. Aan deze betwisting gaat de rechtbank voorbij, omdat Transfer Shipping Services heeft betoogd dat zij Boxie 24 voor afgifte heeft laten tekenen en Boxie 24 zelf geen ander document heeft overgelegd, waaruit volgt dat zij voor afgifte van de goederen aan Transfer Shipping Services heeft getekend. De rechtbank acht het onwaarschijnlijk dat Boxie 24 Transpack Shipping Services in de gelegenheid heeft gesteld om goederen van eiser mee te nemen zonder vastlegging van de afgifte daarvan. Boxie 24 heeft ook geen andere plausibele verklaring gegeven voor de paraaf op de Windmill Forwarding inventarislijst. Op basis van deze inventarislijst stelt de rechtbank vast dat Transpack Shipping Services (althans transporteur Voerman) op 24 april 2024 bij Boxie 24 was om de goederen van eiser op te halen, dat Boxie 24 daarbij de goederen op de inventarislijst daadwerkelijk ter beschikking heeft gesteld, dat Transpack Shipping Services de goederen ter plaatse heeft gecontroleerd en de goederen die zij aantrof beschreven heeft op de Windmill Forwarding inventarislijst, waarna de inventarislijst is afgetekend door een medewerker van Boxie 24.
5.6.
Boxie 24 betoogt dat zij alle goederen heeft afgegeven, maar dat zij geen administratie (meer) had van eiser, zoals administratie rondom de afgifte van de goederen. Dat was zij ook niet verplicht, gelet op het tijdsverloop tussen afgifte en de eerste klacht van eiser. Voor zover Boxie 24 haar administratie niet heeft bewaard moet dit naar het oordeel van de rechtbank - in de verhouding met eiser - voor eigen risico van Boxie 24 blijven. Het tijdsverloop van een half jaar tussen de afgifte op 24 april 2024 en de klacht van eiser rechtvaardigt niet dat dit risico bij eiser moet worden gelegd. Anders dan Boxie 24 stelt, is de rechtbank van oordeel dat eiser tijdig heeft geklaagd, namelijk kort nadat hij bekend werd met het verlies van de goederen bij Boxie 24. Eiser had niet eerder kunnen klagen, omdat hij onvoldoende aanleiding had voor het vermoeden dat zijn goederen bij Boxie 24 verloren waren geraakt. Dat Boxie 24 niet aan de hand van bewijsstukken heeft aangetoond dat zij álle goederen van eiser heeft afgegeven, blijft dus voor haar eigen risico.
5.7.
Daarnaast stelt de rechtbank een discrepantie vast tussen de door eiser aan Boxie 24 verstrekte paklijst en de goederen op de Windmill Forwarding inventarislijst, die Transpack Shipping Services bij Boxie 24 in ontvangst heeft genomen. Een deel van de goederen op de paklijst voor Boxie 24 komen niet voor op de Windmill Forwarding inventarislijst, zoals onder meer de goederen genoemd in r.o. 5.2. Tijdens de mondelinge behandeling heeft de advocaat van eiser desgevraagd bevestigd dat de goederen spullen die op de Windmill Forwarding inventarislijst stonden wél in Los Angeles zijn aangekomen. Dit alles wijst erop dat de goederen die eiser mist door Boxie 24 niet aan Transpack Shipping Services zijn afgegeven.
5.8.
Verder valt op dat Boxie 24 aan eiser € 65,95 heeft gefactureerd voor ‘Terugleveren op locatie/ 4m2’ (productie 10 eiser, factuur 22 april 2024), terwijl eiser eerder volgens opgave van Boxie 24 7m2 aan goederen bij haar in opslag had gegeven (zie r.o. 3.7.). Dit verschil van 3 m2 kan niet worden verklaard door de twee fietsen die op 24 april 2024 bij Boxie 24 zijn achtergebleven en biedt geen onderbouwing voor de stelling van Boxie 24 dat zij alle (overige) goederen van eiser zou hebben afgegeven aan Transfer Shipping Services.
5.9.
Tegen de achtergrond van deze bevindingen, stelt de rechtbank vast dat goederen van eiser die wel op de paklijst voor Boxie 24 stonden en niet op de Windmill Forwarding inventarislijst onder Boxie 24 verloren zijn geraakt en dat Boxie 24 deze goederen, in weerwil van de afspraken met eiser, niet aan Transfer Shipping Services heeft afgegeven. Daarmee is Boxie 24 tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst met eiser. Of de feitelijke afspraken tussen eiser en Boxie 24 kwalificeren als bewaarovereenkomst of huurovereenkomst kan in het midden blijven, mede gelet op de overwegingen van de rechtbank vanaf r.o. 5.11.
De vorderingen jegens Transpack Shipping Services en Bolster worden afgewezen.
5.10.
Met inachtneming van het voorgaande wijst de rechtbank de vorderingen jegens Transpack Shipping Services en Bolster af. Als gezegd heeft de advocaat van eiser tijdens de mondelinge behandeling desgevraagd bevestigd dat de goederen spullen die op de Windmill Forwarding inventarislijst stonden wél in Los Angeles zijn aangekomen. Eiser heeft onvoldoende concreet gemaakt dat goederen tijdens het transport onder Transpack Shipping Services verloren zijn geraakt.
Anders dan eiser stelt, zijn Transpack Shipping Services en Bolster niet (mede)aansprakelijk voor de schade geleden door het verlies van de goederen onder Boxie 24. Die verloren goederen vielen in de eerste plaats niet onder de verzekering van Bolster.
Eiser verwijt Transpack Shipping Services dat zij bij het ophalen van de goederen bij Boxie 24 onvoldoende controle zou hebben uitgevoerd. Als zij de goederen wel had gecontroleerd zou Transpack Shipping Services het verlies van de goederen hebben ontdekt en dit aan eiser hebben kunnen melden. De rechtbank volgt eiser daar niet in. Eiser heeft, in licht van de gemotiveerde betwisting door Transpack Shipping Services, onvoldoende gemotiveerd gesteld dat op Transpack Shipping Services een concrete wettelijke verplichting rustte die strekte tot het nemen van verdergaande (controle-)maatregelen bij het ophalen van de goederen bij Boxie 24. Eiser heeft ook niet concreet gemaakt dat en hoe schade had kunnen worden voorkomen, als Transpack Shipping Services wél verdergaande maatregelen had genomen.
Toepasselijkheid algemene voorwaarden van Boxie 24
5.11.
Boxie 24 doet een beroep op haar algemene voorwaarden. Partijen twisten over de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden van Boxie 24.
5.12.
De rechtbank moet nagaan of een aanbod tot de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden is gedaan en of dit aanvaard is (artikel 6:217 jo Pro. 3:33 jo. 3:35 van het Burgerlijk Wetboek (BW)). Een partij is dan ook gebonden als zij bij het sluiten van de overeenkomst de inhoud van de algemene voorwaarden niet kende, ongeacht of de gebruiker dit begreep of moest begrijpen (artikel 6:232 BW Pro). De rechtbank komt tot het oordeel dat de algemene voorwaarden van Boxie 24 van toepassing zijn op de overeenkomst tussen partijen zijn. Daartoe overweegt zij het volgende.
5.13.
Eiser betwist dat hij de algemene voorwaarden van Boxie 24 heeft aanvaard. Hij stelt dat de overeenkomst op 19 oktober 2023 telefonisch tot stand is gekomen en dat hij vervolgens niet heeft ingestemd met het delen van de algemene voorwaarden via elektronische weg (artikel 6:234 lid 3 BW Pro). Boxie 24 betwist dat de overeenkomst telefonisch tot stand is gekomen. Weliswaar hebben partijen op 19 oktober telefonisch contact gehad, maar de overeenkomst is pas tot stand gekomen doordat eiser (of zijn vriendin) op de knop ‘Confirm booking now’ in de e-mail van 23 oktober 2023 heeft geklikt, waarmee eiser een betalingsmethode volgde, die nodig was om de overeenkomst tot stand te brengen. Daarin stond geschreven dat eiser zich ook zou binden aan de algemene voorwaarden, die konden worden geraadpleegd via een link bij deze mededeling. In het licht van de gemotiveerde betwisting door Boxie 24, is de rechtbank van oordeel dat eiser niet heeft aangetoond dat de overeenkomst al op 19 oktober 2023 telefonisch tot stand is gekomen. Door in de mail van 23 oktober 2023, voorafgaand aan betaling, ook te tekenen voor de algemene voorwaarden heeft hij op dat moment op elektronische wijze gelijktijdig de voorwaarden van de overeenkomst en de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden aanvaard.
Eiser is een consument
5.14.
Verder verschillen partijen van mening over de vraag of eiser de overeenkomst als consument is aangegaan. De rechtbank beantwoordt deze vraag bevestigend. Daarbij weegt de rechtbank mee dat de overeenkomst strekt tot opslag van de inboedel van eiser en zijn vriendin [naam] . Weliswaar heeft eiser in zijn dagvaarding gesteld dat het verlies van bepaalde goederen hem in de uitoefening van zijn beroep heeft belemmerd, maar dit betekent niet zonder meer dat hij de overeenkomst als professionele partij is aangegaan of dat [bedrijf] (het bedrijf van eiser) daardoor de contractspartij is. Verder weegt mee dat het in het bijzonder ging om opslag van de privé inboedel voor een internationale verhuizing. Anders dan Boxie 24 betoogt, volgt uit de e-mail van [naam] van 16 april 2024, waarin staat: ‘As detailed below, my partner and I have a storage unit in Amersfoort under the name [eiser], with the email [emailadres van [naam] , rb] and company [bedrijf] ’ niet dat [bedrijf] . de contractspartij is. Ook dat op enkele facturen onder ‘Billed to’ staat vermeld ‘[eiser], [bedrijf] ’ leidt niet tot een ander oordeel. Daarbij weegt de rechtbank mee dat uit productie 1 van Boxie 24 volgt dat bij het aangaan van de overeenkomst de betaalmethode gekoppeld was aan [naam] .
Beding uit de algemene voorwaarden is niet onredelijk, maar uitsluiting van aansprakelijkheid voor schade onder €2.000,00 is onaanvaardbaar naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid
5.15.
Boxie 24 doet in het bijzonder een beroep op artikel 6 lid 3 van Pro haar algemene voorwaarden. In dit beding staat:
‘Gedurende de looptijd van de overeenkomst is huurder verplicht om de goederen te verzekeren tegen verlies en schade. Verhuurder is niet aansprakelijk voor schades of verlies van goederen. Verhuurder biedt aan huurder een brandverzekering aan, deze zal indien afgesloten door huurder de kosten dekken van de goederen in de mini-opslagruimte in het geval van brand tot een maximum bedrag van 2.000 euro. Verhuurder heeft dit risico verzekerd bij Centraal Beheer. Niet verzekerd zijn contant geld, munten, edelmetaalstaven, documenten, obligaties, effecten, dieren, ontvlambare materialen, explosieven en dergelijke. Bij verlies van opslagmedia worden alleen de kosten van de lege opslagmedia vergoed. Deze verzekering is alleen van kracht als huurder deze verzekering heeft afgesloten en ook maandelijks heeft betaald. Indien de huurder deze verzekering niet heeft afgesloten en/of niet aan zijn/haar betalingsplichten heeft voldaan zal deze verzekering niet gelden. Huurder is dan zelf aansprakelijk voor schades en verlies van goederen bij een eventuele brand.’
5.16.
Eiser stelt dat dit beding onredelijk bezwarend is, omdat het elke aansprakelijkheid van Boxie 24 uitsluit. Het beding is een zogenoemd exoneratiebeding. Op grond van artikel 6:237, aanhef en onder f BW wordt vermoed dat een dergelijk beding onredelijk bezwarend is. De rechtbank is van oordeel dat Boxie 24 dit vermoeden heeft weerlegd. Boxie 24 heeft betoogd dat zij zich niet (redelijkerwijs) kan verzekeren tegen schade als gevolg van verlies van (dure) zaken. Daarom heeft ze artikel 6 lid 3 in Pro haar algemene voorwaarden opgenomen. Daarnaast staat in artikel 4 a lid 2 van haar algemene voorwaarden dat geen goederen met een waarde van meer dan € 2.000,00 mogen worden opgeslagen, tenzij de goederen gedekt zijn door de inboedelverzekering van de eigenaar zelf. Dit geheel acht de rechtbank als uitgangspunt aanvaardbaar. Een opslagbedrijf kan in het algemeen niet weten welke (specifieke) goederen worden opgeslagen of wat daarvan de waarde is en de consument kan zich gemakkelijk(er) verzekeren voor de opslag daarvan.
5.17.
Daarnaast stelt eiser dat Boxie 24 geen beroep op het beding toekomt, omdat dit in de omstandigheden van het geval naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
5.18.
Bij de beantwoording van de vraag of het beroep van Boxie 24 op het beding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, weegt de rechtbank een aantal omstandigheden mee, zoals: de zwaarte van de schuld, mede in verband met de aard en de ernst van de bij enige gedraging betrokken belangen, de aard en de verdere inhoud van de overeenkomst waarin het beding voorkomt, de maatschappelijke positie en de onderlinge verhouding van partijen, de wijze waarop het beding is tot stand gekomen, de mate waarin de wederpartij zich de strekking van het beding bewust is geweest (HR 19 mei 1967, NJ 1967/261 (
Saladin/HBU)).
5.19.
De rechtbank acht het beroep op het beding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar voor zover het aansprakelijkheid uitsluit voor schade van minder dan € 2.000,00. De rechtbank licht dit als volgt toe.
5.20.
De volgende omstandigheden wegen in negatieve zin voor Boxie 24 mee.
5.21.
Van doorslaggevend belang is dat Boxie 24 heeft toegezegd de goederen veilig op te slaan en haar diensten als zodanig adverteert. Er zou sprake zijn van camerabewaking, een alarmsysteem en de opslag is in beginsel niet toegankelijk voor huurders. Desondanks is vast komen te staan dat goederen van eiser onder Boxie 24 verloren zijn geraakt.
5.22.
Verder heeft Boxie 24 geen enkele openheid van zaken gegeven rondom de afgifte van de goederen, terwijl de omstandigheden daar wel aanleiding toe geven. Zo is er een discrepantie tussen de constatering van Boxie 24 aan de hand van de paklijst (zie 3.7.) dat eiser veel meer goederen aan Boxie 24 had aangeboden dan de overeengekomen 3m2, en heeft zij eiser extra kosten in rekening gebracht voor een opslagruimte van 7m2. Daarmee staat in schril contrast dat Boxie 24 (kennelijk) niet heeft vastgelegd dat deze 7m2 aan Transpack Shipping Services zou zijn overhandigd. Wel heeft Boxie 24 eiser een factuur gestuurd waaruit lijkt te volgen dat zij (slechts) 4m2 heeft terug geleverd. Dit roept vragen op of Boxie 24 het verschil zelf heeft geconstateerd of had moeten constateren en heeft nagelaten dit te controleren. Het verschil van 3m2 kan niet verklaard worden door twee achtergebleven fietsen.
5.23.
De rechtbank weegt ook mee dat eiser een consument is en niet is gebleken dat hij zich van de strekking van het beding bewust is geweest, in de zin dat aansprakelijkheid van Boxie 24 volledig zou zijn uitgesloten wanneer zijn goederen onder Boxie 24 verloren zouden raken. Eiser heeft voldoende omstandigheden gesteld op grond waarvan hij het gerechtvaardigd vertrouwen mocht hebben dat de opslag bij Boxie 24 veilig was en die onverenigbaar zijn met een volledige afwenteling van het risico op eiser.
5.24.
Hiervoor is gewezen op het in artikel 4 a lid 2 van de algemene voorwaarden opgenomen verbod om goederen met een waarde van meer dan € 2.000,00 ter opslag aan te bieden, tenzij de goederen gedekt zijn door een inboedelverzekering. Ongeacht artikel 6 lid 3 van Pro de algemene voorwaarden kan Boxie 24 hiermee bij een consument de indruk wekken dat Boxie24 aansprakelijkheid aanvaardt voor goederen tot € 2.000,00, althans dat voor goederen onder dat bedrag een inboedelverzekering niet vereist is.
5.25.
Het volgende weegt in negatieve zin voor eiser mee.
5.26.
Eiser heeft kennelijk nagelaten om zijn inboedel te verzekeren voor zover dit een bedrag van € 2.000,00 te boven gaat. Aan de ‘tenzij’-bepaling in artikel 4 a lid 2, zoals beschreven in r.o. 24, heeft eiser niet voldaan. De basisverzekering die hij bij de totstandkoming van de overeenkomst sloot, dekte alleen de transport van de inboedel naar de opslagplaats, zoals is vermeld in de algemene voorwaarden. Dit komt voor rekening en risico van eiser.
Toewijsbaar bedrag van de hoofdvordering
5.27.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiser toereikend onderbouwd dat de waarde van de verloren goederen tenminste € 2.000,00 is, ook als alleen wordt uitgegaan van de opgegeven waarde van het computerscherm, TV-scherm de Prophet 6 Synthesizer en de DJ Pioneer set (zie r.o. 5.2). De rechtbank zal de hoofdvordering dus tot een bedrag van
€ 2.000,00 toewijzen en voor het meerdere afwijzen.
Buitengerechtelijke incassokosten
5.28.
Eiser vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW Pro en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Aan de wettelijke eisen voor een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten is voldaan. Nu de rechtbank enkel een bedrag van € 2.000,00 zal toewijzen, zal de rechtbank anders dan gevorderd een bedrag van € 300,00 toewijzen. Ook de gevorderde rente over de buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen.
Proceskosten
5.29.
Boxie 24 is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiser worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
147,42
- griffierecht
1.374,00
- salaris advocaat
2.580,00
(2 punten × € 1.290,00)
- nakosten
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
4.290,42
5.30.
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
5.31.
Eiser is ten aanzien van Transpack Shipping Services en Bolster niet in het gelijk gesteld. Toch ziet de rechtbank aanleiding de proceskosten tussen deze partijen te compenseren, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. Eiser had gelet op de onzekerheden over de feiten ten tijde van dagvaarden niet de keuze om Transpack Shipping Services en Bolster bij voorbaat niet in dit geschil te betrekken. Verder weegt mee dat Transpack Shipping Services en Bolster tijdens de zitting hebben verklaard verzekerd te zijn voor hun kosten voor juridische bijstand.

6.De beslissing

De rechtbank
6.1.
veroordeelt Boxie 24 om aan eiser te betalen een bedrag van € 2.000,00,
6.2.
veroordeelt Boxie 24 om aan eiser te betalen een bedrag van € 300,00 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro, vanaf de dag van dagvaarding, tot de dag van volledige betaling,
6.3.
veroordeelt Boxie 24 in de proceskosten van € 4.290,42, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Boxie 24 niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
6.4.
veroordeelt Boxie 24 tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW Pro over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
6.5.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
6.6.
compenseert de kosten tussen eiser enerzijds en Transfer Shipping Services en Bolster anderzijds, in die zin dat ieder de eigen kosten draagt;
6.7.
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.A.M. Kroft en in het openbaar uitgesproken op 1 april 2026.
3418