Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
zonderproducties;
- de akte overleggen producties van 15 oktober 2025 van [gedaagde] , met producties 6-8;
- de antwoordakte van 10 december 2025 van [eiser] , met producties 54-58;
- de akte uitlaten producties van 24 december 2025 van [gedaagde] .
2.Kern van de zaak
3.De feiten
Balans
4.Het geschil
5.De beoordeling
1.ONTBREKEN VAN DE VERKLARING
1.OPDRACHT
Inrichtingsjaarrekeningen
2021.Voorts komen ook de winst- en verliesrekening 2023 en de balans per 31 december 2023 niet overeen met de jaarrekening 2023.(…) Het gebruik van cijfers uit 2021 in de aangifte vennootschapsbelasting 2023 is niet toegestaan en in strijd met de slotverklaring bij ondertekening (…)
- de verklaring die is afgegeven met betrekking tot de jaarrekening 2023 is in strijd met de wet;
- de jaarstukken geven geen inzicht in het verschuiven van omzet naar andere vennootschappen waarbij [gedaagde] is betrokken, terwijl volgens [eiser] wel aannemelijk is dat dit is gebeurd. Hij verwijst daarbij naar de gang van zaken rondom de facturen en betalingen van de werkzaamheden aan zijn appartement (zie r.o. 3.6);
- de loonkosten van [naam 3] , aandeelhouder van [bedrijfsnaam 1] , zijn volgens de jaarstukken met de jaren fors gestegen, terwijl de omzet terug liep. De opgevoerde loonkosten kloppen ook niet met de loonstrook van [naam 3] over december 2023 (productie 1 bij conclusie van antwoord). Bovendien wordt in de jaarstukken 2021-2023 vermeld dat het aantal bij [bedrijfsnaam 1] werkzame personen nul is;
- de balanspost ‘profitsharing’ was in 2022 € 91.000,00 en valt in 2023 terug naar nihil. In de het ‘rapport aangifte vennootschapsbelasting 2023’ (productie 4 bij conclusie van antwoord) en de daarbij behorende balans staat echter een bedrag van € 55.000,00 aan ‘profitsharing’ opgenomen;
- ook op andere punten sluit de jaarrekening 2023 niet aan bij het ‘rapport aangifte vennootschapsbelasting 2023’ en het gebruik daarin van de cijfers van 2021 is niet toegestaan en in strijd met de slotverklaring.