Verzoeker stelde beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 2 september 2024. De minister van Asiel en Migratie heeft bij besluit van 6 maart 2026 de asielaanvraag ingewilligd. Vervolgens trok verzoeker het beroep in en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overweegt dat op grond van artikel 8:75a van de Awb, indien het bestuursorgaan geheel tegemoetkomt aan het beroep, de rechtbank op verzoek kan besluiten tot veroordeling in proceskosten. Nu de minister niet tijdig heeft beslist en alsnog de aanvraag heeft ingewilligd, is aan het beroep volledig tegemoetgekomen.
De rechtbank stelt de proceskosten vast op €467, gebaseerd op een puntensysteem met een wegingsfactor 'licht', aangezien het beroep alleen betrekking had op het niet tijdig beslissen. De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van deze kosten.